Artikel 1
minister: de minister van onderwijs, cultuur en wetenschap;
WVO: de Wet op het voortgezet onderwijs;
WEC: de Wet op de expertisecentra;
CvI: de commissie voor de indicatiestelling, bedoeld in artikel 28c van de WEC;
Permanente commissie leerlingenzorg: de permanente commissie leerlingenzorg, bedoeld in artikel 10h, vierde lid, van de WVO;
RVC: de regionale verwijzingscommissie voortgezet onderwijs, bedoeld in artikel 10g, tweede lid, van de WVO;
RVC-besluit: het Besluit RVC’s, regionaal zorgbudget en praktijkscholen met declaratiebekostiging;
Ouders: ouders, voogden of verzorgers;
Bevoegd gezag: het bevoegd gezag van een school voor praktijkonderwijs of van een school met een afdeling praktijkonderwijs.
WVO: de Wet op het voortgezet onderwijs;
WEC: de Wet op de expertisecentra;
CvI: de commissie voor de indicatiestelling, bedoeld in artikel 28c van de WEC;
Permanente commissie leerlingenzorg: de permanente commissie leerlingenzorg, bedoeld in artikel 10h, vierde lid, van de WVO;
RVC: de regionale verwijzingscommissie voortgezet onderwijs, bedoeld in artikel 10g, tweede lid, van de WVO;
RVC-besluit: het Besluit RVC’s, regionaal zorgbudget en praktijkscholen met declaratiebekostiging;
Ouders: ouders, voogden of verzorgers;
Bevoegd gezag: het bevoegd gezag van een school voor praktijkonderwijs of van een school met een afdeling praktijkonderwijs.