BWBR0016099
Geldig vanaf 2003-12-20
Artikel 3
Beleidsregel ontheffingverlening LZV
1. De Dienst Wegverkeer verleent naar aanleiding van een positief advies van de Ambtelijke adviescommissie LZV en het bewijs van keuring als bedoeld in artikel 2, van deze beleidsregel een ontheffing:
a. als bedoeld in artikel 149, eerste lid, onder a, van de Wegenverkeerswet 1994 voor wegen in beheer van het Rijk;
b. als bedoeld in artikel 149, eerste lid, onder b, c en d, van de Wegenverkeerswet 1994, voor zover het mandaat dat door overige wegbeheerders aan de RDW is gegeven, daartoe strekt.
2. De Dienst Wegverkeer verleent ondersteuning bij de aanvraag voor ontheffingverlening bij de in artikel 149, eerste lid, onder b, c en d, van de Wegenverkeerswet 1994, genoemde bevoegde wegbeheerders voor alle weggedeelten, die deel uitmaken van een te rijden traject als bedoeld in de bijlage, onder II, van het Instellingsbesluit Ambtelijke adviescommissie LZV.
3. De kosten verbonden aan het aanvragen en verlenen van een ontheffing zijn voor rekening van de aanvrager.
a. als bedoeld in artikel 149, eerste lid, onder a, van de Wegenverkeerswet 1994 voor wegen in beheer van het Rijk;
b. als bedoeld in artikel 149, eerste lid, onder b, c en d, van de Wegenverkeerswet 1994, voor zover het mandaat dat door overige wegbeheerders aan de RDW is gegeven, daartoe strekt.
2. De Dienst Wegverkeer verleent ondersteuning bij de aanvraag voor ontheffingverlening bij de in artikel 149, eerste lid, onder b, c en d, van de Wegenverkeerswet 1994, genoemde bevoegde wegbeheerders voor alle weggedeelten, die deel uitmaken van een te rijden traject als bedoeld in de bijlage, onder II, van het Instellingsbesluit Ambtelijke adviescommissie LZV.
3. De kosten verbonden aan het aanvragen en verlenen van een ontheffing zijn voor rekening van de aanvrager.