BWBR0016077
Geldig vanaf 2004-01-01
Artikel 3
Mandaatbesluit artikelen 84, 93b en 93c van de Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf
1. De PVK beslist ingevolge artikel 84, eerste lid, van de wetvanwege de Minister op aanvragen tot het verkrijgen van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 82, eerste lid, van de wet, behoudens in het geval van aanvragen tot het houden, verwerven dan wel vergroten van een gekwalificeerde deelneming dan wel tot het uitoefenen van enige zeggenschap verbonden aan een gekwalificeerde deelneming in een verzekeraar die gerekend naar bruto premie-inkomen per ultimo van het jaar voorafgaand aan de aanvraag behoorde tot de grootste vijf verzekeraars door:
a. een verzekeraar die gerekend naar bruto premie-inkomen per ultimo van het jaar voorafgaand aan de aanvraag behoorde tot de grootste vijf verzekeraars;
b. een kredietinstelling die gerekend naar balanstotaal per ultimo van het jaar voorafgaand aan de aanvraag behoorde tot de grootste vijf kredietinstellingen;
c. een ieder die niet behoort tot de onder a en b bedoelde categorieën, in geval van een belang van meer dan 20%.
2. De PVK kan ingevolge artikel 83, derde lid, van de wetaan een verklaring van geen bezwaar beperkingen stellen of voorwaarden verbinden, indien zij vanwege de Minister beslist op aanvragen tot het verkrijgen van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 82, eerste lid, van de wet.
3. Bij het verlenen van een verklaring van geen bezwaar aan een onderneming of instelling die niet ingevolge artikel 52 van de Wet toezicht kredietwezen 1992is ingeschreven, deelt de PVK aan deze onderneming of instelling tegelijkertijd mee, dat een nieuwe verklaring van geen bezwaar dient te worden aangevraagd, indien de onderneming of instelling voornemens is in Nederland, al dan niet door middel van een bijkantoor, het bedrijf van kredietinstelling uit te oefenen.
a. een verzekeraar die gerekend naar bruto premie-inkomen per ultimo van het jaar voorafgaand aan de aanvraag behoorde tot de grootste vijf verzekeraars;
b. een kredietinstelling die gerekend naar balanstotaal per ultimo van het jaar voorafgaand aan de aanvraag behoorde tot de grootste vijf kredietinstellingen;
c. een ieder die niet behoort tot de onder a en b bedoelde categorieën, in geval van een belang van meer dan 20%.
2. De PVK kan ingevolge artikel 83, derde lid, van de wetaan een verklaring van geen bezwaar beperkingen stellen of voorwaarden verbinden, indien zij vanwege de Minister beslist op aanvragen tot het verkrijgen van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 82, eerste lid, van de wet.
3. Bij het verlenen van een verklaring van geen bezwaar aan een onderneming of instelling die niet ingevolge artikel 52 van de Wet toezicht kredietwezen 1992is ingeschreven, deelt de PVK aan deze onderneming of instelling tegelijkertijd mee, dat een nieuwe verklaring van geen bezwaar dient te worden aangevraagd, indien de onderneming of instelling voornemens is in Nederland, al dan niet door middel van een bijkantoor, het bedrijf van kredietinstelling uit te oefenen.