BWBR0015994
Geldig vanaf 2003-12-14
Artikel 7
Subsidieregeling internationale samenwerking milieubeheer 2004
De Staatssecretaris neemt bij de beoordeling van de aanvraag in acht de mate waarin:
a. het project bijdraagt aan één of meer van de in artikel 2 bedoelde doelstellingen;
b. het project bijdraagt aan een evenwichtige spreiding van het beschikbare subsidiebudget over de verschillende doelgroepen, landen en thema’s van het subsidieprogramma;
c. de aanvrager gedurende het kalenderjaar eerder subsidie uit dit programma heeft toegezegd gekregen waardoor er een onevenwichtige verdeling van het beschikbare subsidiebudget over de verschillende aanvragers zou plaatsvinden;
d. de gevraagde subsidie in evenredige verhouding staat tot de aard en omvang van de beoogde resultaten van het project;
e. het project een meer dan incidentele uitwerking zal hebben;
f. de subsidie wordt gebruikt in de aanloop van een project, waarvoor subsidies in breder Nederlands of Europees verband kunnen worden aangevraagd;
g. er sprake is van draagvlak voor het project bij de bij het project betrokken organisaties en overheden, bijvoorbeeld blijkend uit bijdragen die organisaties of overheden hebben toegezegd ten behoeve van het project of uit documenten waarin is vastgelegd dat die organisaties of overheden met het project hebben ingestemd;
h. het project en de projectaanbevelingen een reële slaagkans hebben;
i. het project meerwaarde heeft ten opzichte van in voorgaande jaren verleende subsidies.
a. het project bijdraagt aan één of meer van de in artikel 2 bedoelde doelstellingen;
b. het project bijdraagt aan een evenwichtige spreiding van het beschikbare subsidiebudget over de verschillende doelgroepen, landen en thema’s van het subsidieprogramma;
c. de aanvrager gedurende het kalenderjaar eerder subsidie uit dit programma heeft toegezegd gekregen waardoor er een onevenwichtige verdeling van het beschikbare subsidiebudget over de verschillende aanvragers zou plaatsvinden;
d. de gevraagde subsidie in evenredige verhouding staat tot de aard en omvang van de beoogde resultaten van het project;
e. het project een meer dan incidentele uitwerking zal hebben;
f. de subsidie wordt gebruikt in de aanloop van een project, waarvoor subsidies in breder Nederlands of Europees verband kunnen worden aangevraagd;
g. er sprake is van draagvlak voor het project bij de bij het project betrokken organisaties en overheden, bijvoorbeeld blijkend uit bijdragen die organisaties of overheden hebben toegezegd ten behoeve van het project of uit documenten waarin is vastgelegd dat die organisaties of overheden met het project hebben ingestemd;
h. het project en de projectaanbevelingen een reële slaagkans hebben;
i. het project meerwaarde heeft ten opzichte van in voorgaande jaren verleende subsidies.