BWBR0015808
Geldig vanaf 2009-09-01
Artikel 2
Besluit beveiliging gegevens telecommunicatie
1. De aanbieder draagt zorg voor het treffen van alle noodzakelijke beveiligingsmaatregelen om kennisneming door onbevoegden te voorkomen van de navolgende gegevens en informatie:
a. de gegevens welke in het kader van het verlenen van medewerking aan de uitvoering van een bevoegd gegeven bijzondere last dan wel een opdracht op grond van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017 tot het aftappen of opnemen van telecommunicatie door een bevoegde autoriteit aan de aanbieder zijn verstrekt;
b. de informatie welke door de aanbieder aan een bevoegde autoriteit is verstrekt op grond van de artikelen 13.2b en 13.4 van de wet alsmede de gegevens welke zijn vervat in het aan deze verstrekking ten grondslag liggende verzoek of in de aan deze verstrekking ten grondslag liggende vordering om informatie van de desbetreffende bevoegde autoriteit;
c. de gegevens die door de aanbieder worden geraadpleegd en verder worden verwerkt met het oog op het voldoen aan een verzoek of vordering op grond van de artikelen 13.2b en 13.4 van de wet.
2. De maatregelen, bedoeld in het eerste lid, dienen ten minste te bestaan uit:
a. maatregelen gericht op de personen die werkzaam zijn voor de aanbieder;
b. maatregelen gericht op de toegang tot de gebouwen en ruimten waarin de gegevens en informatie aanwezig zijn;
c. maatregelen gericht op een deugdelijke werking en beveiliging van het informatiesysteem waarin de gegevens en informatie worden verwerkt;
d. maatregelen gericht op het voorkomen, vaststellen en onderzoeken van een ongeoorloofde inbreuk op de vertrouwelijkheid van de gegevens en informatie;
e. maatregelen in het geval van calamiteiten.
3. Tot de maatregelen, bedoeld in het eerste en tweede lid worden in ieder geval gerekend de maatregelen, bedoeld in de bijlagebij dit besluit.
a. de gegevens welke in het kader van het verlenen van medewerking aan de uitvoering van een bevoegd gegeven bijzondere last dan wel een opdracht op grond van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017 tot het aftappen of opnemen van telecommunicatie door een bevoegde autoriteit aan de aanbieder zijn verstrekt;
b. de informatie welke door de aanbieder aan een bevoegde autoriteit is verstrekt op grond van de artikelen 13.2b en 13.4 van de wet alsmede de gegevens welke zijn vervat in het aan deze verstrekking ten grondslag liggende verzoek of in de aan deze verstrekking ten grondslag liggende vordering om informatie van de desbetreffende bevoegde autoriteit;
c. de gegevens die door de aanbieder worden geraadpleegd en verder worden verwerkt met het oog op het voldoen aan een verzoek of vordering op grond van de artikelen 13.2b en 13.4 van de wet.
2. De maatregelen, bedoeld in het eerste lid, dienen ten minste te bestaan uit:
a. maatregelen gericht op de personen die werkzaam zijn voor de aanbieder;
b. maatregelen gericht op de toegang tot de gebouwen en ruimten waarin de gegevens en informatie aanwezig zijn;
c. maatregelen gericht op een deugdelijke werking en beveiliging van het informatiesysteem waarin de gegevens en informatie worden verwerkt;
d. maatregelen gericht op het voorkomen, vaststellen en onderzoeken van een ongeoorloofde inbreuk op de vertrouwelijkheid van de gegevens en informatie;
e. maatregelen in het geval van calamiteiten.
3. Tot de maatregelen, bedoeld in het eerste en tweede lid worden in ieder geval gerekend de maatregelen, bedoeld in de bijlagebij dit besluit.