BWBR0015529
Geldig vanaf 2003-09-11
Artikel 11
Stimuleringsregeling beginnende directeuren in het primair onderwijs 2003-2004
1. De subsidie wordt verstrekt als tegemoetkoming in de kosten die zijn verbonden aan het in artikel 2 van deze regeling omschreven doel. Verrekening van eventueel niet-bestede middelen of overschotten vindt niet plaats.
2. De verklaring van de accountant bij de aanvraag vaststelling rijksvergoeding (AVR) over het jaar waarin deze subsidie is besteed bevat tevens een oordeel over de rechtmatige besteding van deze subsidie. De accountant toetst hierbij of het subsidiebedrag is besteed aan het in artikel 2 van deze regeling omschreven doel.
3. Het bevoegd gezag draagt er zorg voor dat in de financiële administratie van de school voor iedere benoemde of aangestelde beginnende directeur de voor het oordeel van de accountant benodigde gegevens en bewijsstukken aanwezig zijn.
2. De verklaring van de accountant bij de aanvraag vaststelling rijksvergoeding (AVR) over het jaar waarin deze subsidie is besteed bevat tevens een oordeel over de rechtmatige besteding van deze subsidie. De accountant toetst hierbij of het subsidiebedrag is besteed aan het in artikel 2 van deze regeling omschreven doel.
3. Het bevoegd gezag draagt er zorg voor dat in de financiële administratie van de school voor iedere benoemde of aangestelde beginnende directeur de voor het oordeel van de accountant benodigde gegevens en bewijsstukken aanwezig zijn.