BWBR0015325
Geldig vanaf 2015-01-10
Artikel 8
Uitvoeringswet EU-executieverordening en Verdrag van Lugano
1. Ten aanzien van een rechterlijke beslissing uit een andere lidstaat van de EU inhoudende een voorlopige of bewarende maatregel worden het afschrift van de rechterlijke beslissing, als bedoeld in artikel 42, tweede lid, onder a, van de verordening, en het certificaat, als bedoeld in artikel 42, tweede lid, onder b, van de verordening, tezamen als verlof in de zin van artikel 700 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvorderingaangemerkt.
2. Ten aanzien van een rechterlijke beslissing uit een andere lidstaat van de EU inhoudende een voorlopige of bewarende maatregel die is opgelegd zonder dat de wederpartij was opgeroepen, als bedoeld in artikel 42, tweede lid, onder c, van de verordening, worden het afschrift van de rechterlijke beslissing, als bedoeld in artikel 42, tweede lid, onder a, van de verordening, het certificaat, als bedoeld in artikel 42, tweede lid, onder b, van de verordening, en het bewijs van betekening van de rechterlijke beslissing, als bedoeld in artikel 42, tweede lid, onder c, van de verordening, tezamen als verlof in de zin van artikel 700 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvorderingaangemerkt.
2. Ten aanzien van een rechterlijke beslissing uit een andere lidstaat van de EU inhoudende een voorlopige of bewarende maatregel die is opgelegd zonder dat de wederpartij was opgeroepen, als bedoeld in artikel 42, tweede lid, onder c, van de verordening, worden het afschrift van de rechterlijke beslissing, als bedoeld in artikel 42, tweede lid, onder a, van de verordening, het certificaat, als bedoeld in artikel 42, tweede lid, onder b, van de verordening, en het bewijs van betekening van de rechterlijke beslissing, als bedoeld in artikel 42, tweede lid, onder c, van de verordening, tezamen als verlof in de zin van artikel 700 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvorderingaangemerkt.