BWBR0015259
Geldig vanaf 2003-06-29
Artikel 2
Regeling instelling ad hoc commissie 'Brugfunctie TNO en GTI's'
De commissie heeft tot taak:
1. Het geven van een onafhankelijk oordeel over de door de organisatie voor Toegepast Natuurwetenschappelijk Onderzoek (TNO) en de zogenaamde Grote Technologische Instituten (GTI's) op te stellen zelfevaluatierapporten, met een nadruk op het integrale beeld dat op basis daarvan kan worden geschetst.
2. Het analyseren van de rol van de relevante organisaties in de onderzoeksinfrastructuur die de context vormen van TNO en de GTI's, voor zover van belang voor de brugfunctie van laatstgenoemde onderzoekinstellingen.
3. Het formuleren van aanbevelingen op grond van voorgaande oordelen
die als basis kunnen dienen voor het door de overheid te voeren beleid ten aanzien van TNO en de GTI's, alsmede de in lid 2 genoemde relevante organisaties, gericht op verbeteringen van zowel de vraagarticulatie, als de productie, de doorstroming en de benutting van wetenschappelijk onderzoek.
op grond van voorgaande oordelen
die als basis kunnen dienen voor het door de overheid te voeren beleid ten aanzien van TNO en de GTI's, alsmede de in lid 2 genoemde relevante organisaties, gericht op verbeteringen van zowel de vraagarticulatie, als de productie, de doorstroming en de benutting van wetenschappelijk onderzoek.
1. Het geven van een onafhankelijk oordeel over de door de organisatie voor Toegepast Natuurwetenschappelijk Onderzoek (TNO) en de zogenaamde Grote Technologische Instituten (GTI's) op te stellen zelfevaluatierapporten, met een nadruk op het integrale beeld dat op basis daarvan kan worden geschetst.
2. Het analyseren van de rol van de relevante organisaties in de onderzoeksinfrastructuur die de context vormen van TNO en de GTI's, voor zover van belang voor de brugfunctie van laatstgenoemde onderzoekinstellingen.
3. Het formuleren van aanbevelingen op grond van voorgaande oordelen
die als basis kunnen dienen voor het door de overheid te voeren beleid ten aanzien van TNO en de GTI's, alsmede de in lid 2 genoemde relevante organisaties, gericht op verbeteringen van zowel de vraagarticulatie, als de productie, de doorstroming en de benutting van wetenschappelijk onderzoek.
op grond van voorgaande oordelen
die als basis kunnen dienen voor het door de overheid te voeren beleid ten aanzien van TNO en de GTI's, alsmede de in lid 2 genoemde relevante organisaties, gericht op verbeteringen van zowel de vraagarticulatie, als de productie, de doorstroming en de benutting van wetenschappelijk onderzoek.