BWBR0015082
Geldig vanaf 2003-07-18
Artikel 8
Besluit instelling criminele inlichtingen eenheid AID
1. De bij de criminele inlichtingen eenheid AID in gebruik zijnde vertrekken zijn afsluitbaar en beveiligd. Tot deze vertrekken hebben slechts toegang ambtenaren die deel uitmaken van de criminele inlichtingen eenheid AID, personen die door deze ambtenaren worden begeleid en de CIE-officier van justitie.
2. In afwijking van het eerste lid, tweede volzin, kan het hoofd van het Dienstonderdeel Opsporing, aan anderen toegang zonder begeleiding toestaan, indien het betreden van de vertrekken alleen kan plaatsvinden nadat identiteitsgegevens elektronisch zijn vastgelegd en de toegang noodzakelijk is vanuit zijn verantwoordelijkheid voor de ambtenaren en vertrekken van de criminelen inlichtingen eenheid AID.
3. Bij afwezigheid van ambtenaren van de criminele inlichtingen eenheid AID zijn de vertrekken deugdelijk afgesloten.
2. In afwijking van het eerste lid, tweede volzin, kan het hoofd van het Dienstonderdeel Opsporing, aan anderen toegang zonder begeleiding toestaan, indien het betreden van de vertrekken alleen kan plaatsvinden nadat identiteitsgegevens elektronisch zijn vastgelegd en de toegang noodzakelijk is vanuit zijn verantwoordelijkheid voor de ambtenaren en vertrekken van de criminelen inlichtingen eenheid AID.
3. Bij afwezigheid van ambtenaren van de criminele inlichtingen eenheid AID zijn de vertrekken deugdelijk afgesloten.