BWBR0014923
Geldig vanaf 2003-04-26
Artikel 8
Subsidieregeling scholing overblijfmedewerkers 2003
De minister verdeelt het beschikbare bedrag op de volgende wijze:
A. Voor wat betreft de subsidie voor korte cursussen: 1. Eerste Tranche Scholen of instellingen die op grond van de ”subsidieregeling cursus overblijfkrachten 2002”, kenmerk PO/OO-2002/22139, geen subsidie hebben ontvangen, waarbij wordt verdeeld: a. In volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de aanvraag dient aan te vullen, de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen als datum van ontvangst geldt.
b. In eerste instantie een maximum van € 1000,- per school of instelling
a. In volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de aanvraag dient aan te vullen, de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen als datum van ontvangst geldt.
b. In eerste instantie een maximum van € 1000,- per school of instelling
2. Tweede en volgende tranche Indien het bedrag van € 3.100.000,- na behandeling van deze aanvragen niet blijkt te zijn uitgeput, zal dit resterende budget worden verdeeld onder alle aanvragers voor korte cursussen, waarbij voor de verdeling de procedure beschreven onder A. 1.a en A. 1.b telkens wordt herhaald.
1. Eerste Tranche Scholen of instellingen die op grond van de ”subsidieregeling cursus overblijfkrachten 2002”, kenmerk PO/OO-2002/22139, geen subsidie hebben ontvangen, waarbij wordt verdeeld: a. In volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de aanvraag dient aan te vullen, de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen als datum van ontvangst geldt.
b. In eerste instantie een maximum van € 1000,- per school of instelling
a. In volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de aanvraag dient aan te vullen, de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen als datum van ontvangst geldt.
b. In eerste instantie een maximum van € 1000,- per school of instelling
2. Tweede en volgende tranche Indien het bedrag van € 3.100.000,- na behandeling van deze aanvragen niet blijkt te zijn uitgeput, zal dit resterende budget worden verdeeld onder alle aanvragers voor korte cursussen, waarbij voor de verdeling de procedure beschreven onder A. 1.a en A. 1.b telkens wordt herhaald.
Scholen die vorig jaar wel subsidie hebben ontvangen, kunnen eveneens opnieuw aanvragen. In deze tweede verdelingsronde zullen zij worden betrokken.
Mochten er geen aanvragen meer zijn en resteert er nog budget dan zal dit worden toegevoegd aan het budget voor beroepsgerichte scholing en opleidingen.
B. Voor wat betreft de subsidie voor (beroepsgerichte) scholing en opleidingen gericht op het behalen van een kwalificatie: a. In de volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de aanvraag dient aan te vullen, de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen als datum van ontvangst geldt.
b. In eerste instantie een maximum van € 2000 per school of instelling.
a. In de volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de aanvraag dient aan te vullen, de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen als datum van ontvangst geldt.
b. In eerste instantie een maximum van € 2000 per school of instelling.
Indien het bedrag van € 900.000,- na behandeling van deze aanvragen niet blijkt te zijn uitgeput, zal dit resterende budget worden verdeeld onder alle aanvragers voor beroepsgerichte scholing, waarbij voor de verdeling de procedure beschreven onder B. a. en B. b. telkens wordt herhaald.
Mochten er geen aanvragen meer zijn en resteert er nog budget dan zal dit worden toegevoegd aan het budget voor korte cursussen.
A. Voor wat betreft de subsidie voor korte cursussen: 1. Eerste Tranche Scholen of instellingen die op grond van de ”subsidieregeling cursus overblijfkrachten 2002”, kenmerk PO/OO-2002/22139, geen subsidie hebben ontvangen, waarbij wordt verdeeld: a. In volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de aanvraag dient aan te vullen, de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen als datum van ontvangst geldt.
b. In eerste instantie een maximum van € 1000,- per school of instelling
a. In volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de aanvraag dient aan te vullen, de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen als datum van ontvangst geldt.
b. In eerste instantie een maximum van € 1000,- per school of instelling
2. Tweede en volgende tranche Indien het bedrag van € 3.100.000,- na behandeling van deze aanvragen niet blijkt te zijn uitgeput, zal dit resterende budget worden verdeeld onder alle aanvragers voor korte cursussen, waarbij voor de verdeling de procedure beschreven onder A. 1.a en A. 1.b telkens wordt herhaald.
1. Eerste Tranche Scholen of instellingen die op grond van de ”subsidieregeling cursus overblijfkrachten 2002”, kenmerk PO/OO-2002/22139, geen subsidie hebben ontvangen, waarbij wordt verdeeld: a. In volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de aanvraag dient aan te vullen, de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen als datum van ontvangst geldt.
b. In eerste instantie een maximum van € 1000,- per school of instelling
a. In volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de aanvraag dient aan te vullen, de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen als datum van ontvangst geldt.
b. In eerste instantie een maximum van € 1000,- per school of instelling
2. Tweede en volgende tranche Indien het bedrag van € 3.100.000,- na behandeling van deze aanvragen niet blijkt te zijn uitgeput, zal dit resterende budget worden verdeeld onder alle aanvragers voor korte cursussen, waarbij voor de verdeling de procedure beschreven onder A. 1.a en A. 1.b telkens wordt herhaald.
Scholen die vorig jaar wel subsidie hebben ontvangen, kunnen eveneens opnieuw aanvragen. In deze tweede verdelingsronde zullen zij worden betrokken.
Mochten er geen aanvragen meer zijn en resteert er nog budget dan zal dit worden toegevoegd aan het budget voor beroepsgerichte scholing en opleidingen.
B. Voor wat betreft de subsidie voor (beroepsgerichte) scholing en opleidingen gericht op het behalen van een kwalificatie: a. In de volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de aanvraag dient aan te vullen, de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen als datum van ontvangst geldt.
b. In eerste instantie een maximum van € 2000 per school of instelling.
a. In de volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de aanvraag dient aan te vullen, de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen als datum van ontvangst geldt.
b. In eerste instantie een maximum van € 2000 per school of instelling.
Indien het bedrag van € 900.000,- na behandeling van deze aanvragen niet blijkt te zijn uitgeput, zal dit resterende budget worden verdeeld onder alle aanvragers voor beroepsgerichte scholing, waarbij voor de verdeling de procedure beschreven onder B. a. en B. b. telkens wordt herhaald.
Mochten er geen aanvragen meer zijn en resteert er nog budget dan zal dit worden toegevoegd aan het budget voor korte cursussen.