BWBR0014905
Geldig vanaf 2003-04-09
Artikel 10
Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit directoraat-generaal Uitvoeringsbeleid Werk en Inkomen 2003
1. Directeuren die leiding geven aan een directie met een omvang van meer dan 12 fulltime-equivalenten, kunnen hun vertegenwoordigingsbevoegdheden in een door hen te bepalen omvang doorverlenen aan onder hen ressorterende functionarissen, met dien verstande dat bevoegdheden met betrekking tot personeelsaangelegenheden slechts kunnen worden doorverleend aan rechtstreeks onder hen ressorterende functionarissen en slechts voorzover het betreft:
a. het opmaken, niet zijnde vaststellen, van een beoordeling van medewerkers;
b. het houden van manager-medewerkergesprekken;
c. verlof van medewerkers;
d. kleine beloningen, niet zijnde gratificaties, onder gelijktijdige mededeling daarvan aan de directeur.
2. De directeur van de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst kan zijn vertegenwoordigingsbevoegdheden in een door hem te bepalen omvang doorverlenen aan onder hem ressorterende functionarissen, met dien verstande dat doorverlening van bevoegdheden met betrekking tot personeelsaangelegenheden aan functionarissen, niet zijnde afdelingshoofden van deze dienst, slechts is toegestaan voorzover het gaat om regiomanagers van de regiokantoren, dan wel regionale projectmanagers en teammanagers die rechtstreeks ressorteren onder een van de afdelingshoofden, en slechts voorzover het betreft:
a. het opmaken, niet zijnde vaststellen, van een beoordeling van medewerkers;
b. het houden van manager-medewerkergesprekken;
c. verlof van medewerkers;
d. kleine beloningen, niet zijnde gratificaties, onder gelijktijdige mededeling daarvan aan de directeur.
3. Directeuren die leiding geven aan een directie met een omvang van maximaal 12 fulltime-quivalenten kunnen hun vertegenwoordigingsbevoegdheden slechts doorverlenen aan rechtstreeks onder hen ressorterende functionarissen na voorafgaande schriftelijke toestemming van de directeur-generaal.
4. Onverminderd het bepaalde in het eerste, tweede en derde lid kunnen directeuren hun vertegenwoordigingsbevoegdheden doorverlenen aan functionarissen van een ander organisatiedeel, mits de betreffende functionaris daarmee schriftelijk instemt.
5. De (door)verlening van (onder)mandaat, volmacht en machtiging kan uitsluitend bij een schriftelijk besluit geschieden.
a. het opmaken, niet zijnde vaststellen, van een beoordeling van medewerkers;
b. het houden van manager-medewerkergesprekken;
c. verlof van medewerkers;
d. kleine beloningen, niet zijnde gratificaties, onder gelijktijdige mededeling daarvan aan de directeur.
2. De directeur van de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst kan zijn vertegenwoordigingsbevoegdheden in een door hem te bepalen omvang doorverlenen aan onder hem ressorterende functionarissen, met dien verstande dat doorverlening van bevoegdheden met betrekking tot personeelsaangelegenheden aan functionarissen, niet zijnde afdelingshoofden van deze dienst, slechts is toegestaan voorzover het gaat om regiomanagers van de regiokantoren, dan wel regionale projectmanagers en teammanagers die rechtstreeks ressorteren onder een van de afdelingshoofden, en slechts voorzover het betreft:
a. het opmaken, niet zijnde vaststellen, van een beoordeling van medewerkers;
b. het houden van manager-medewerkergesprekken;
c. verlof van medewerkers;
d. kleine beloningen, niet zijnde gratificaties, onder gelijktijdige mededeling daarvan aan de directeur.
3. Directeuren die leiding geven aan een directie met een omvang van maximaal 12 fulltime-quivalenten kunnen hun vertegenwoordigingsbevoegdheden slechts doorverlenen aan rechtstreeks onder hen ressorterende functionarissen na voorafgaande schriftelijke toestemming van de directeur-generaal.
4. Onverminderd het bepaalde in het eerste, tweede en derde lid kunnen directeuren hun vertegenwoordigingsbevoegdheden doorverlenen aan functionarissen van een ander organisatiedeel, mits de betreffende functionaris daarmee schriftelijk instemt.
5. De (door)verlening van (onder)mandaat, volmacht en machtiging kan uitsluitend bij een schriftelijk besluit geschieden.