BWBR0014840
Geldig vanaf 28-05-2006
Artikel 4
Verordening HPA aardappelteelt 2003
1. Het bestuur kan bij besluit, gehoord de commissie, vrijstelling verlenen van een of meer bepalingen uit deze verordening en daarbij nadere voorschriften vaststellen.
2. De voorzitter is namens het bestuur bevoegd bij besluit, gehoord de commissie, andere dan de in de bijlage genoemde zetmeelrassen onderscheidenlijk gebieden aan te wijzen, totdat bij verordening tot wijziging van de bijlage daarin is voorzien. Alsdan wordt het betreffende besluit geacht te zijn ingetrokken.
3. Een besluit als bedoeld in het eerste en tweede lid wordt bekend gemaakt in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en treedt in werking met ingang van de tweede dag na die van bekendmaking, tenzij het betreffende besluit anders bepaalt.
4. De secretaris is bevoegd namens het bestuur op schriftelijk verzoek van de ondernemer ontheffing te verlenen van het bepaalde in artikel 2 en daarbij nadere voorschriften vast te stellen.
2. De voorzitter is namens het bestuur bevoegd bij besluit, gehoord de commissie, andere dan de in de bijlage genoemde zetmeelrassen onderscheidenlijk gebieden aan te wijzen, totdat bij verordening tot wijziging van de bijlage daarin is voorzien. Alsdan wordt het betreffende besluit geacht te zijn ingetrokken.
3. Een besluit als bedoeld in het eerste en tweede lid wordt bekend gemaakt in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en treedt in werking met ingang van de tweede dag na die van bekendmaking, tenzij het betreffende besluit anders bepaalt.
4. De secretaris is bevoegd namens het bestuur op schriftelijk verzoek van de ondernemer ontheffing te verlenen van het bepaalde in artikel 2 en daarbij nadere voorschriften vast te stellen.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0014840
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl