1. Onder toepassing van
artikel 16 van de Tijdelijke Referendumwettreedt deze wet in werking met ingang van 1 januari 2003, met dien verstande dat artikel I, onderdelen B, U, V, W en X, en artikel VI, onderdelen E, F, G, H en I, toepassing vinden nadat
artikel 10.1 van de Wet IB 2001bij het begin van het kalenderjaar 2003 is toegepast.
2. In afwijking van het eerste lid treedt artikel XI, onderdelen A, lid 1b en lid 4b, B, lid 1b en tweede lid, C, derde lid, G, J, lid 1b, lid 2b en lid 4b, en M, in werking met ingang van 1 januari 2006.
3. In afwijking van het eerste lid treden de artikelen XVa, XVI, XVII, XVIII en XIX in werking op een bij koninklijk besluit vast te stellen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen en onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld, met dien verstande dat de artikelen XVa, onderdeel A, eerste, derde en vierde lid, en XVI, onderdeel B, toepassing vinden nadat
artikel 37a van de Wet belastingen op milieugrondslagbij het begin van het kalenderjaar 2003 is toegepast.