BWBR0014022
Geldig vanaf 2002-09-15
Artikel 4
Vrijstellingsregeling gebruik meststoffen
Van het verbod, gesteld in artikel 4b van het Besluit gebruik meststoffen, wordt vrijstelling verleend:
a. indien het omploegen van grasland plaatsvindt als onderdeel van kavelinrichtingswerken overeenkomstig: 1°. een landinrichtingsplan als bedoeld in artikel 73 of een aanpassingsplan als bedoeld in artikel 101 van de Landinrichtingswet,
2°. een herinrichtingsplan als bedoeld in artikel 1 van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkolonieën,
3°. een plan van voorzieningen als bedoeld in artikel 39 van de Reconstructiewet Midden-Delfland, waarvan het plan van toedeling is vastgesteld door de arrondissementsrechtbank;
1°. een landinrichtingsplan als bedoeld in artikel 73 of een aanpassingsplan als bedoeld in artikel 101 van de Landinrichtingswet,
2°. een herinrichtingsplan als bedoeld in artikel 1 van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkolonieën,
3°. een plan van voorzieningen als bedoeld in artikel 39 van de Reconstructiewet Midden-Delfland,
b. in de periode van 16 september tot en met 31 oktober indien na het omploegen in een direct daaropvolgende werkgang op het desbetreffende perceel bloembollen worden geplant, of
c. in de periode van 1 november tot en met 31 december indien na het omploegen op het desbetreffende perceel een ander gewas wordt geplant of ingezaaid dan gras.
a. indien het omploegen van grasland plaatsvindt als onderdeel van kavelinrichtingswerken overeenkomstig: 1°. een landinrichtingsplan als bedoeld in artikel 73 of een aanpassingsplan als bedoeld in artikel 101 van de Landinrichtingswet,
2°. een herinrichtingsplan als bedoeld in artikel 1 van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkolonieën,
3°. een plan van voorzieningen als bedoeld in artikel 39 van de Reconstructiewet Midden-Delfland, waarvan het plan van toedeling is vastgesteld door de arrondissementsrechtbank;
1°. een landinrichtingsplan als bedoeld in artikel 73 of een aanpassingsplan als bedoeld in artikel 101 van de Landinrichtingswet,
2°. een herinrichtingsplan als bedoeld in artikel 1 van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkolonieën,
3°. een plan van voorzieningen als bedoeld in artikel 39 van de Reconstructiewet Midden-Delfland,
b. in de periode van 16 september tot en met 31 oktober indien na het omploegen in een direct daaropvolgende werkgang op het desbetreffende perceel bloembollen worden geplant, of
c. in de periode van 1 november tot en met 31 december indien na het omploegen op het desbetreffende perceel een ander gewas wordt geplant of ingezaaid dan gras.