BWBR0013886
Geldig vanaf 2002-08-30
Artikel 1
Besluit financiering rechtspraak
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. wet: de Wet op de rechterlijke organisatie;
b. werklastmetingssysteem: het systeem van objectieve meting van de werklast, bedoeld in artikel 2;
c. zaak: een door een gerecht te behandelen rechtszaak;
d. zaakscategorie: een groep zaken die op gelijksoortige wijze worden behandeld en afgedaan en waarvoor, in voorkomend geval per gerechtscategorie, met een gelijk aantal minuten wordt gerekend;
e. gerechtscategorieën: 1°. de sectoren kanton van de rechtbanken;
2°. de rechtbanken, uitgezonderd de sectoren kanton;
3°. de gerechtshoven;
4°. het College van Beroep voor het bedrijfsleven;
5°. de Centrale Raad van Beroep;
1°. de sectoren kanton van de rechtbanken;
2°. de rechtbanken, uitgezonderd de sectoren kanton;
3°. de gerechtshoven;
4°. het College van Beroep voor het bedrijfsleven;
5°. de Centrale Raad van Beroep;
f. personeelscategorieën: 1°. rechtsprekend personeel;
2°. niet-rechtsprekend personeel;
1°. rechtsprekend personeel;
2°. niet-rechtsprekend personeel;
g. rechtsprekend personeel: bij de in onderdeel e, onder 1° tot en met 3°, werkzame rechterlijke ambtenaren met rechtspraak belast alsmede met rechtspraak belaste leden van de Centrale Raad van Beroep of het College van Beroep voor het bedrijfsleven;
h. niet-rechtsprekend personeel: gerechtsauditeurs en rechterlijke ambtenaren in opleiding voor zover niet onder g begrepen, gerechtsambtenaren, buitengriffiers en overige medewerkers bij de in de onderdeel e genoemde gerechtscategorieën voor zover belast met de behandeling en afdoening van zaken;
i. begrotingsvoorstel van de Raad: het begrotingsvoorstel, bedoeld in artikel 98, eerste lid, van de wet;
j. meerjarenraming van de Raad: de meerjarenraming, bedoeld in artikel 98, eerste lid, van de wet;
k. jaarplan van het gerecht: het jaarplan, bedoeld in artikel 31, eerste lid, van de wet.
a. wet: de Wet op de rechterlijke organisatie;
b. werklastmetingssysteem: het systeem van objectieve meting van de werklast, bedoeld in artikel 2;
c. zaak: een door een gerecht te behandelen rechtszaak;
d. zaakscategorie: een groep zaken die op gelijksoortige wijze worden behandeld en afgedaan en waarvoor, in voorkomend geval per gerechtscategorie, met een gelijk aantal minuten wordt gerekend;
e. gerechtscategorieën: 1°. de sectoren kanton van de rechtbanken;
2°. de rechtbanken, uitgezonderd de sectoren kanton;
3°. de gerechtshoven;
4°. het College van Beroep voor het bedrijfsleven;
5°. de Centrale Raad van Beroep;
1°. de sectoren kanton van de rechtbanken;
2°. de rechtbanken, uitgezonderd de sectoren kanton;
3°. de gerechtshoven;
4°. het College van Beroep voor het bedrijfsleven;
5°. de Centrale Raad van Beroep;
f. personeelscategorieën: 1°. rechtsprekend personeel;
2°. niet-rechtsprekend personeel;
1°. rechtsprekend personeel;
2°. niet-rechtsprekend personeel;
g. rechtsprekend personeel: bij de in onderdeel e, onder 1° tot en met 3°, werkzame rechterlijke ambtenaren met rechtspraak belast alsmede met rechtspraak belaste leden van de Centrale Raad van Beroep of het College van Beroep voor het bedrijfsleven;
h. niet-rechtsprekend personeel: gerechtsauditeurs en rechterlijke ambtenaren in opleiding voor zover niet onder g begrepen, gerechtsambtenaren, buitengriffiers en overige medewerkers bij de in de onderdeel e genoemde gerechtscategorieën voor zover belast met de behandeling en afdoening van zaken;
i. begrotingsvoorstel van de Raad: het begrotingsvoorstel, bedoeld in artikel 98, eerste lid, van de wet;
j. meerjarenraming van de Raad: de meerjarenraming, bedoeld in artikel 98, eerste lid, van de wet;
k. jaarplan van het gerecht: het jaarplan, bedoeld in artikel 31, eerste lid, van de wet.