BWBR0013625
Geldig vanaf 2002-07-26
Artikel 10
Dierentuinenbesluit
1. Een dier heeft toegang tot een toereikende hoeveelheid schoon water of kan op een andere wijze aan zijn behoefte aan water voldoen.
2. Een dier krijgt een toereikende hoeveelheid gezond en voor de soort en de leeftijd geschikt voeder, zodat het in goede gezondheid blijft en aan zijn voedingsbehoeften wordt voldaan.
3. Het toedienen van het voeder is afgestemd op de fysiologische behoeften van de diersoort en stimuleert de natuurlijke wijze van voedselvergaren.
2. Een dier krijgt een toereikende hoeveelheid gezond en voor de soort en de leeftijd geschikt voeder, zodat het in goede gezondheid blijft en aan zijn voedingsbehoeften wordt voldaan.
3. Het toedienen van het voeder is afgestemd op de fysiologische behoeften van de diersoort en stimuleert de natuurlijke wijze van voedselvergaren.