BWBR0013565
Geldig vanaf 2002-06-01
Artikel 2
Instelling Beleidsondersteunend team milieu-incidenten
1. Het team bestaat uit:
a. het hoofd van de Stafafdeling crisismanagement van het Inspectoraat-Generaal VROM, voorzitter, tevens lid;
b. de coördinator overheidsoptreden bij bijzondere milieuomstandigheden van de Stafafdeling crisismanagement van het Inspectoraat-Generaal VROM, plaatsvervangend voorzitter, tevens lid;
c. ambtelijke leden, daartoe aangewezen door: 1e. de inspecteur-generaal van het Inspectoraat-Generaal VROM;
2e. de directeur-generaal milieubeheer;
3e. het hoofd van het Nationaal Coördinatie Centrum van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
4e. de directeur Brandweer van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
5e. de directeur van het Rijks-Kwaliteitsinstituut voor land- en tuinbouwproducten;
6e. de hoofdingenieur-directeur van het Rijksinstituut voor Integraal Zoetwaterbeheer en Afvalwaterbehandeling;
7e. de directeur van het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut;
8e. de directeur-generaal van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne;
9e. de hoofdinspecteur van de Keuringsdienst van Waren van het Staatstoezicht op de Volksgezondheid;
10e. de directeur van het Instituut voor Toegepaste Radiobiologie en Immunologie van TNO.
1e. de inspecteur-generaal van het Inspectoraat-Generaal VROM;
2e. de directeur-generaal milieubeheer;
3e. het hoofd van het Nationaal Coördinatie Centrum van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
4e. de directeur Brandweer van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
5e. de directeur van het Rijks-Kwaliteitsinstituut voor land- en tuinbouwproducten;
6e. de hoofdingenieur-directeur van het Rijksinstituut voor Integraal Zoetwaterbeheer en Afvalwaterbehandeling;
7e. de directeur van het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut;
8e. de directeur-generaal van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne;
9e. de hoofdinspecteur van de Keuringsdienst van Waren van het Staatstoezicht op de Volksgezondheid;
10e. de directeur van het Instituut voor Toegepaste Radiobiologie en Immunologie van TNO.
2. Voor ieder der krachtens het eerste lid, onder c, aangewezen leden worden een of meer plaatsvervangers aangewezen.
a. het hoofd van de Stafafdeling crisismanagement van het Inspectoraat-Generaal VROM, voorzitter, tevens lid;
b. de coördinator overheidsoptreden bij bijzondere milieuomstandigheden van de Stafafdeling crisismanagement van het Inspectoraat-Generaal VROM, plaatsvervangend voorzitter, tevens lid;
c. ambtelijke leden, daartoe aangewezen door: 1e. de inspecteur-generaal van het Inspectoraat-Generaal VROM;
2e. de directeur-generaal milieubeheer;
3e. het hoofd van het Nationaal Coördinatie Centrum van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
4e. de directeur Brandweer van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
5e. de directeur van het Rijks-Kwaliteitsinstituut voor land- en tuinbouwproducten;
6e. de hoofdingenieur-directeur van het Rijksinstituut voor Integraal Zoetwaterbeheer en Afvalwaterbehandeling;
7e. de directeur van het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut;
8e. de directeur-generaal van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne;
9e. de hoofdinspecteur van de Keuringsdienst van Waren van het Staatstoezicht op de Volksgezondheid;
10e. de directeur van het Instituut voor Toegepaste Radiobiologie en Immunologie van TNO.
1e. de inspecteur-generaal van het Inspectoraat-Generaal VROM;
2e. de directeur-generaal milieubeheer;
3e. het hoofd van het Nationaal Coördinatie Centrum van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
4e. de directeur Brandweer van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
5e. de directeur van het Rijks-Kwaliteitsinstituut voor land- en tuinbouwproducten;
6e. de hoofdingenieur-directeur van het Rijksinstituut voor Integraal Zoetwaterbeheer en Afvalwaterbehandeling;
7e. de directeur van het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut;
8e. de directeur-generaal van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne;
9e. de hoofdinspecteur van de Keuringsdienst van Waren van het Staatstoezicht op de Volksgezondheid;
10e. de directeur van het Instituut voor Toegepaste Radiobiologie en Immunologie van TNO.
2. Voor ieder der krachtens het eerste lid, onder c, aangewezen leden worden een of meer plaatsvervangers aangewezen.