BWBR0013274
Geldig vanaf 2002-01-04
Artikel 7
Regeling groenprojecten 2002
1. De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer kan, in overeenstemming met de Minister van Financiën en na overleg met de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, de Minister van Verkeer en Waterstaat en de Minister van Economische Zaken, de verklaring intrekken indien:
a. de ter zake verstrekte gegevens zodanig onjuist of onvolledig blijken, dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen als bij de beoordeling daarvan de juiste of volledige gegevens bekend waren geweest;
b. blijkt dat de uitvoering van het project in aanzienlijke mate afwijkt van het project op grond waarvan de verklaring is afgegeven;
c. blijkt dat de projectbeheerder de vermogenstoestand van het project niet afzonderlijk administreert;
d. niet wordt voldaan aan de voorwaarden die in de verklaring zijn opgenomen;
e. de melding bedoeld in artikel 8 niet onverwijld is geschied.
2. Het besluit tot intrekking kan terugwerkende kracht hebben.
3. Het besluit tot intrekking wordt gezonden aan de aanvrager die ingevolge artikel 4, eerste lid, een aanvraag heeft ingediend.
4. Een afschrift van het besluit wordt gezonden aan de projectbeheerder en aan de inspecteur.
a. de ter zake verstrekte gegevens zodanig onjuist of onvolledig blijken, dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen als bij de beoordeling daarvan de juiste of volledige gegevens bekend waren geweest;
b. blijkt dat de uitvoering van het project in aanzienlijke mate afwijkt van het project op grond waarvan de verklaring is afgegeven;
c. blijkt dat de projectbeheerder de vermogenstoestand van het project niet afzonderlijk administreert;
d. niet wordt voldaan aan de voorwaarden die in de verklaring zijn opgenomen;
e. de melding bedoeld in artikel 8 niet onverwijld is geschied.
2. Het besluit tot intrekking kan terugwerkende kracht hebben.
3. Het besluit tot intrekking wordt gezonden aan de aanvrager die ingevolge artikel 4, eerste lid, een aanvraag heeft ingediend.
4. Een afschrift van het besluit wordt gezonden aan de projectbeheerder en aan de inspecteur.