BWBR0013169
Geldig vanaf 2002-01-01
Artikel 6
Mandaat- en volmachtbesluit diensthoofden BZK
1. Bij tijdelijke afwezigheid of verhindering van het diensthoofd wordt diens mandaat en volmacht volledig uitgeoefend door het plaatsvervangend diensthoofd.
2. De aanwijzing van een plaatsvervangend diensthoofd geschiedt door het diensthoofd met inachtneming van het Organisatiebesluit BZKen in overeenstemming met de secretaris-generaal.
3. Bij gelijktijdige tijdelijke afwezigheid of verhindering van het diensthoofd en het plaatsvervangend diensthoofd wordt het mandaat en de volmacht van het diensthoofd bij wijze van waarneming volledig uitgeoefend door de functionaris die daartoe door het diensthoofd in overeenstemming met de secretaris-generaal is aangewezen.
4. Ondertekening van besluiten en stukken ingevolge dit artikel vindt plaats overeenkomstig artikel 4, met dien verstande dat de handtekening voorafgegaan wordt door: b/a.
2. De aanwijzing van een plaatsvervangend diensthoofd geschiedt door het diensthoofd met inachtneming van het Organisatiebesluit BZKen in overeenstemming met de secretaris-generaal.
3. Bij gelijktijdige tijdelijke afwezigheid of verhindering van het diensthoofd en het plaatsvervangend diensthoofd wordt het mandaat en de volmacht van het diensthoofd bij wijze van waarneming volledig uitgeoefend door de functionaris die daartoe door het diensthoofd in overeenstemming met de secretaris-generaal is aangewezen.
4. Ondertekening van besluiten en stukken ingevolge dit artikel vindt plaats overeenkomstig artikel 4, met dien verstande dat de handtekening voorafgegaan wordt door: b/a.