BWBR0012872
Geldig vanaf 2001-10-15
Artikel 3
Regeling prototypen luchtvaartuigen
1. De aanvrager van een speciaal-BvL voor een prototype van een luchtvaartuig, is inzake de bouw verplicht er voor te zorgen:
a. dat de organisatie en de inrichting van de werkplaatsen, de gevolgde werkwijzen en controlemethoden, de gebruikte gereedschappen en de kundigheid van het bij de bouw betrokken personeel naar het oordeel van de minister voldoende waarborgen bieden voor een goede bouw van het luchtvaartuig;
b. dat slechts fabricageprocessen worden toegepast waarmee de minister heeft ingestemd;
c. dat, voordat materialen, onderdelen en halfproducten alsmede uitrustingsstukken in het luchtvaartuig worden verwerkt, 1º. voor deze toestemming is verleend door de minister, of
2º. deze zijn voorzien van een certificaat van vrijgave, afgegeven door een daartoe erkend bedrijf;
1º. voor deze toestemming is verleend door de minister, of
2º. deze zijn voorzien van een certificaat van vrijgave, afgegeven door een daartoe erkend bedrijf;
d. dat de inspecties en proeven worden uitgevoerd die de minister noodzakelijk acht om te verzekeren dat het luchtvaartuig zal voldoen aan de luchtwaardigheidsvoorschriften en de geluidseisen;
e. dat hij na de bouw schriftelijk verklaart dat het luchtvaartuig voldoet aan de ingediende ontwerp-tekeningen en specificaties en dat de door de minister voorgeschreven inspecties en proeven naar behoren zijn uitgevoerd;
f. dat het luchtvaartuig of daarvoor bestemde onderdelen op verzoek van de minister ter beschikking worden gesteld voor een onderzoek naar de luchtwaardigheid of het voldoen aan de geluidseisen op een in onderling overleg te bepalen tijdstip en plaats;
h. dat hij de minister inlicht over het tijdstip waarop met de bouw of de beproeving van belangrijke onderdelen wordt begonnen.
2. De minister kan vorderen dat de documenten die hij voor het toezicht van belang acht bij hem worden ingeleverd.
a. dat de organisatie en de inrichting van de werkplaatsen, de gevolgde werkwijzen en controlemethoden, de gebruikte gereedschappen en de kundigheid van het bij de bouw betrokken personeel naar het oordeel van de minister voldoende waarborgen bieden voor een goede bouw van het luchtvaartuig;
b. dat slechts fabricageprocessen worden toegepast waarmee de minister heeft ingestemd;
c. dat, voordat materialen, onderdelen en halfproducten alsmede uitrustingsstukken in het luchtvaartuig worden verwerkt, 1º. voor deze toestemming is verleend door de minister, of
2º. deze zijn voorzien van een certificaat van vrijgave, afgegeven door een daartoe erkend bedrijf;
1º. voor deze toestemming is verleend door de minister, of
2º. deze zijn voorzien van een certificaat van vrijgave, afgegeven door een daartoe erkend bedrijf;
d. dat de inspecties en proeven worden uitgevoerd die de minister noodzakelijk acht om te verzekeren dat het luchtvaartuig zal voldoen aan de luchtwaardigheidsvoorschriften en de geluidseisen;
e. dat hij na de bouw schriftelijk verklaart dat het luchtvaartuig voldoet aan de ingediende ontwerp-tekeningen en specificaties en dat de door de minister voorgeschreven inspecties en proeven naar behoren zijn uitgevoerd;
f. dat het luchtvaartuig of daarvoor bestemde onderdelen op verzoek van de minister ter beschikking worden gesteld voor een onderzoek naar de luchtwaardigheid of het voldoen aan de geluidseisen op een in onderling overleg te bepalen tijdstip en plaats;
h. dat hij de minister inlicht over het tijdstip waarop met de bouw of de beproeving van belangrijke onderdelen wordt begonnen.
2. De minister kan vorderen dat de documenten die hij voor het toezicht van belang acht bij hem worden ingeleverd.