BWBR0012829
Geldig vanaf 2001-12-03
Artikel 6
Interimbesluit Duurzaam Veilig
1. De provincie onderscheidenlijk het regionaal openbaar lichaam brengt jaarlijks voor 15 november onderscheidenlijk voor 15 september, volgend op het jaar waarin de bijdrage is betaald, over het desbetreffende jaar verslag uit aan onze Minister, overeenkomstig het door Onze Minister vastgestelde model. Dit verslag omvat in ieder geval:
a. een rapportage over het in artikel 4 bedoelde overleg;
b. een rapportage over de voornemens tot besteding van de bijdrage in relatie tot de verkeersveiligheidsdoelstellingen;
c. een rapportage over de voortgang van de activiteiten waaraan de bijdrage is besteed;
d. een financieel overzicht van de aan de activiteiten besteedde middelen.
2. Het verslag gaat vergezeld van een accountantsverklaring. In deze accountantsverklaring wordt het controleprotocol in acht genomen zoals dat door Onze Minister is vastgesteld.
3. Het bedrag dat aan het eind van een jaar niet is besteed, wordt vermeerderd met de daarover verkregen rente en toegevoegd aan de bijdrage die in het volgend jaar op grond van dit besluit wordt verstrekt.
4. Het bedrag en de toegevoegde rente, bedoeld in het derde lid, blijken uit de accountantsverklaring en het financiële gedeelte van het verslag bedoeld in het eerste lid, onderdeel d.
5. Indien uit de accountantsverklaring blijkt, dat de bijdrage geheel of gedeeltelijk is besteed in strijd met artikel 2, kan de bijdrage voor dat deel door Onze Minister worden teruggevorderd. Artikel 4:57 van de Algemene wet bestuursrechtis van overeenkomstige toepassing.
6. De provincie onderscheidenlijk het regionaal openbaar lichaam legt bij de verstrekking van een subsidie die wordt bekostigd uit de bijdrage bedoeld in artikel 2, de subsidieontvanger de verplichting op om:
a. in het jaar volgend op het jaar waarin het subsidiebedrag is betaald tijdig een financieel verslag uit te brengen over de besteding van de subsidie en dit vergezeld te doen gaan van een accountantsverklaring.
b. medewerking te verlenen aan een door of vanwege gedeputeerde staten onderscheidenlijk het dagelijks bestuur te verrichten onderzoek naar de besteding van de subsidie.
a. een rapportage over het in artikel 4 bedoelde overleg;
b. een rapportage over de voornemens tot besteding van de bijdrage in relatie tot de verkeersveiligheidsdoelstellingen;
c. een rapportage over de voortgang van de activiteiten waaraan de bijdrage is besteed;
d. een financieel overzicht van de aan de activiteiten besteedde middelen.
2. Het verslag gaat vergezeld van een accountantsverklaring. In deze accountantsverklaring wordt het controleprotocol in acht genomen zoals dat door Onze Minister is vastgesteld.
3. Het bedrag dat aan het eind van een jaar niet is besteed, wordt vermeerderd met de daarover verkregen rente en toegevoegd aan de bijdrage die in het volgend jaar op grond van dit besluit wordt verstrekt.
4. Het bedrag en de toegevoegde rente, bedoeld in het derde lid, blijken uit de accountantsverklaring en het financiële gedeelte van het verslag bedoeld in het eerste lid, onderdeel d.
5. Indien uit de accountantsverklaring blijkt, dat de bijdrage geheel of gedeeltelijk is besteed in strijd met artikel 2, kan de bijdrage voor dat deel door Onze Minister worden teruggevorderd. Artikel 4:57 van de Algemene wet bestuursrechtis van overeenkomstige toepassing.
6. De provincie onderscheidenlijk het regionaal openbaar lichaam legt bij de verstrekking van een subsidie die wordt bekostigd uit de bijdrage bedoeld in artikel 2, de subsidieontvanger de verplichting op om:
a. in het jaar volgend op het jaar waarin het subsidiebedrag is betaald tijdig een financieel verslag uit te brengen over de besteding van de subsidie en dit vergezeld te doen gaan van een accountantsverklaring.
b. medewerking te verlenen aan een door of vanwege gedeputeerde staten onderscheidenlijk het dagelijks bestuur te verrichten onderzoek naar de besteding van de subsidie.