BWBR0012702
Geldig vanaf 2014-01-01
Artikel 88
Besluit stralingsbescherming
1. Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid of, bij mijnbouw, Onze Minister van Economische Zaken, of, indien het de krijgsmacht betreft een door Onze Minister van Defensie aan te wijzen autoriteit, kan, indien het meten van blootstelling aan ioniserende straling aan de hand van persoonlijke controlemiddelen niet of niet goed mogelijk is, of als op andere wijze de effectieve of equivalente dosis wordt bepaald, ontheffing verlenen van het bepaalde in artikel 87.
2. Aan de ontheffing, bedoeld in het eerste lid, worden voorschriften verbonden die inhouden dat de effectieve of equivalente dosis geschat wordt aan de hand van de individuele metingen bij andere blootgestelde werknemers, of aan de hand van de in artikel 86bedoelde ruimtemonitoring, of in het geval van vliegtuigbemanningen op een wijze als bedoeld in artikel 111, eerste lid, onder b, of op andere wijze.
3. Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwetis paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrechtniet van toepassing op de aanvraag om een ontheffing als bedoeld in het eerste lid.
2. Aan de ontheffing, bedoeld in het eerste lid, worden voorschriften verbonden die inhouden dat de effectieve of equivalente dosis geschat wordt aan de hand van de individuele metingen bij andere blootgestelde werknemers, of aan de hand van de in artikel 86bedoelde ruimtemonitoring, of in het geval van vliegtuigbemanningen op een wijze als bedoeld in artikel 111, eerste lid, onder b, of op andere wijze.
3. Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwetis paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrechtniet van toepassing op de aanvraag om een ontheffing als bedoeld in het eerste lid.