BWBR0012679
Geldig vanaf 2003-12-09
Artikel 2
Tijdelijke stimuleringsregeling vrijwilligerswerk
1. De minister kan aan een gemeente of provincie éénmaal een meerjarige uitkering verlenen voor een vrijwilligersproject dat na inwerkingtreding van deze regeling start.
2. De aanvraag voor een meerjarige uitkering, bedoeld in het eerste lid, wordt conform bijlage 1ingericht en vóór 1 november 2001 ingediend. Na ontvangst van de aanvraag beslist de minister over het verlenen van voorschotten.
3. Vóór 1 juli 2002 wordt de aanvraag, bedoeld in het tweede lid, volledig gemaakt met een projectbeschrijving van het vrijwilligersproject. De projectbeschrijving wordt ingericht conform bijlage 2 en in tweevoud ingediend. Na ontvangst van de projectbeschrijving beslist de minister over het verlenen van de meerjarige uitkering.
2. De aanvraag voor een meerjarige uitkering, bedoeld in het eerste lid, wordt conform bijlage 1ingericht en vóór 1 november 2001 ingediend. Na ontvangst van de aanvraag beslist de minister over het verlenen van voorschotten.
3. Vóór 1 juli 2002 wordt de aanvraag, bedoeld in het tweede lid, volledig gemaakt met een projectbeschrijving van het vrijwilligersproject. De projectbeschrijving wordt ingericht conform bijlage 2 en in tweevoud ingediend. Na ontvangst van de projectbeschrijving beslist de minister over het verlenen van de meerjarige uitkering.