Artikel 1
De bedragen, genoemd in de artikelen 24, eerste lid, 48, eerste lid, en 64a, eerste lid, van de Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid, worden als volgt vastgesteld:
a. voor de werknemer van 21 jaar wordt het bedrag gesteld op f 58,38 (€ 26,49);
b. voor de werknemer van 22 jaar wordt het bedrag gesteld op f 71,41 (€ 32,40);
c. voor de werknemer van 23 jaar en ouder wordt het bedrag gesteld op f 90,19 (€ 40,93).
a. voor de werknemer van 21 jaar wordt het bedrag gesteld op f 58,38 (€ 26,49);
b. voor de werknemer van 22 jaar wordt het bedrag gesteld op f 71,41 (€ 32,40);
c. voor de werknemer van 23 jaar en ouder wordt het bedrag gesteld op f 90,19 (€ 40,93).