BWBR0012520
Geldig vanaf 2001-06-01
Artikel 3
Instellingsregeling commissie stimulering lokaal vrijwilligersbeleid
1. De commissie heeft tot taak gemeenten en provincies te stimuleren tot het ontwikkelen, verbreden, vernieuwen en intensiveren van een vrijwilligersbeleid waarbij instrumenten voor een plaatselijk, regionaal en provinciaal vrijwilligerswerk van verantwoorde kwaliteit worden ontwikkeld dan wel toegepast.
2. De commissie stelt een plan van aanpak op voor de uitvoering van de taak, bedoeld in het eerste lid, waarbij rekening wordt gehouden met reeds ontwikkelde plannen vanuit de verschillende overheidsniveaus en het aanbod van de landelijke, provinciale en lokale ondersteuningsorganisaties voor het vrijwilligerswerk. In dit plan wordt ook aandacht besteed aan communicatie- en informatievoorziening.
3. Het plan van aanpak, bedoeld in het tweede lid, wordt aan de minister ter goedkeuring voorgelegd.
4. De minister kan de commissie ten aanzien van de uitvoering van de taak, bedoeld in het eerste lid, algemene en bijzondere aanwijzingen geven.
2. De commissie stelt een plan van aanpak op voor de uitvoering van de taak, bedoeld in het eerste lid, waarbij rekening wordt gehouden met reeds ontwikkelde plannen vanuit de verschillende overheidsniveaus en het aanbod van de landelijke, provinciale en lokale ondersteuningsorganisaties voor het vrijwilligerswerk. In dit plan wordt ook aandacht besteed aan communicatie- en informatievoorziening.
3. Het plan van aanpak, bedoeld in het tweede lid, wordt aan de minister ter goedkeuring voorgelegd.
4. De minister kan de commissie ten aanzien van de uitvoering van de taak, bedoeld in het eerste lid, algemene en bijzondere aanwijzingen geven.