BWBR0012447
Geldig vanaf 2001-05-03
Artikel 2
Subsidieregeling kennisoverdracht brancheorganisaties MKB
1. De minister verstrekt op aanvraag een subsidie aan een brancheorganisatie die voor eigen rekening en risico een project uitvoert dat hoofdzakelijk is gericht op ondernemers die een kleine of middelgrote onderneming in stand houden in de zin van verordening (EG) nr. 70/2001van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 12 januari 2001 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen (PbEG L 10).
2. Voor een kennispositieproject wordt slechts subsidie verstrekt indien:
a. de kennispositiestudie door een ander dan de subsidie-ontvanger wordt opgesteld;
b. de uitkomsten van de kennispositiestudie onder de ondernemers binnen de branche, worden verspreid, en
c. de kennispositiestudie voor een ieder tegen een redelijke vergoeding beschikbaar is.
3. Voor een kennisoverdrachtproject wordt slechts subsidie verstrekt indien:
a. een haalbaarheidsstudie, indien deze deel uitmaakt van het project, door een ander dan de subsidie-ontvanger wordt verricht;
b. activiteiten georganiseerd in het kader van een kennisoverdrachtproject, voor een ieder toegankelijk zijn;
c. schriftelijke stukken opgesteld in het kader van een kennisoverdrachtproject, voor een ieder tegen een redelijke vergoeding beschikbaar zijn, en
d. het project geen activiteiten bevat die gericht zijn op de verwerving van individuele vaardigheden door ondernemers.
4. Geen subsidie wordt verstrekt:
a. indien voor het project reeds door de minister subsidie is verstrekt;
b. indien de aanvrager vóór het indienen van de aanvraag ter zake van het project reeds verplichtingen is aangegaan.
2. Voor een kennispositieproject wordt slechts subsidie verstrekt indien:
a. de kennispositiestudie door een ander dan de subsidie-ontvanger wordt opgesteld;
b. de uitkomsten van de kennispositiestudie onder de ondernemers binnen de branche, worden verspreid, en
c. de kennispositiestudie voor een ieder tegen een redelijke vergoeding beschikbaar is.
3. Voor een kennisoverdrachtproject wordt slechts subsidie verstrekt indien:
a. een haalbaarheidsstudie, indien deze deel uitmaakt van het project, door een ander dan de subsidie-ontvanger wordt verricht;
b. activiteiten georganiseerd in het kader van een kennisoverdrachtproject, voor een ieder toegankelijk zijn;
c. schriftelijke stukken opgesteld in het kader van een kennisoverdrachtproject, voor een ieder tegen een redelijke vergoeding beschikbaar zijn, en
d. het project geen activiteiten bevat die gericht zijn op de verwerving van individuele vaardigheden door ondernemers.
4. Geen subsidie wordt verstrekt:
a. indien voor het project reeds door de minister subsidie is verstrekt;
b. indien de aanvrager vóór het indienen van de aanvraag ter zake van het project reeds verplichtingen is aangegaan.