BWBR0012376
Geldig vanaf 2001-04-01
Artikel 4
Vaststellingregeling bedragen Regeling toezichtskosten Wet toezicht effectenverkeer 1995 voor 2001
De bedragen bedoeld in artikel 5, derde lid, van de Regeling toezichtskosten worden als volgt vastgesteld:
a. voor kredietinstellingen die op grond van artikel 38 van de Wet toezicht kredietwezen 1992 in Nederland het bedrijf van kredietinstelling mogen uitoefenen wordt het percentage voorlopig vastgesteld op: 0,4525 en wordt het minimumbedrag vastgesteld op: € 4.719,31;
b. in afwijking van onderdeel a wordt voor kredietinstellingen die op grond van artikel 38 van de Wet toezicht kredietwezen 1992 in Nederland het bedrijf van kredietinstelling mogen uitoefenen en die onder adequaat toezicht staan van een toezichthoudende autoriteit in hun land van herkomst, het percentage voorlopig vastgesteld op: 0,22625 en wordt het minimumbedrag vastgesteld op: € 2.359,66;
c. voor andere kredietinstellingen en financiële instellingen wordt het percentage voorlopig vastgesteld op: 0,22625 en wordt het minimumbedrag vastgesteld op: € 2.359,66.
a. voor kredietinstellingen die op grond van artikel 38 van de Wet toezicht kredietwezen 1992 in Nederland het bedrijf van kredietinstelling mogen uitoefenen wordt het percentage voorlopig vastgesteld op: 0,4525 en wordt het minimumbedrag vastgesteld op: € 4.719,31;
b. in afwijking van onderdeel a wordt voor kredietinstellingen die op grond van artikel 38 van de Wet toezicht kredietwezen 1992 in Nederland het bedrijf van kredietinstelling mogen uitoefenen en die onder adequaat toezicht staan van een toezichthoudende autoriteit in hun land van herkomst, het percentage voorlopig vastgesteld op: 0,22625 en wordt het minimumbedrag vastgesteld op: € 2.359,66;
c. voor andere kredietinstellingen en financiële instellingen wordt het percentage voorlopig vastgesteld op: 0,22625 en wordt het minimumbedrag vastgesteld op: € 2.359,66.