1. In afwijking van
artikel 17, eerste lid, van de wetbestaat het Centraal Bestuur uit één lid.
2. In afwijking van de
artikelen 17, derde tot en met zesde lid, en
18 van de wetbenoemt Onze Minister tot de datum waarop
artikel 90, tweede lid, van de wetvervalt, het lid van het Centraal Bestuur en stelt Onze Minister in afwijking van de
artikelen 19en
87 van de wetzijn rechtspositie vast.
3. In afwijking van
artikel 21 van de wet kan het lid van het Centraal Bestuur in plaats van bij koninklijk besluit door Onze Minister te allen tijde worden ontslagen.
4.
Artikel 22 van de wetis niet van toepassing.