BWBR0012330
Geldig vanaf 2001-03-21
Artikel 2
Mandaat Algemene Inspectiedienst
De directeur, de hoofdinspecteurs en de vrijgesteld teamleiders van de Algemene Inspectiedienst zijn gemachtigd om namens de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij te beslissen en stukken te ondertekenen betreffende:
a. het in rekening brengen van de kosten, bedoeld in artikel 3 van de Regeling gebruik hormonen en beta-agonisten en bedoeld in de artikelen 5 en 6 van de Regeling verbod handel met bepaalde stoffen behandelde dieren en producten;
b. de ondertoezichtplaatsing, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Regeling verbod handel met bepaalde stoffen behandelde dieren en producten;
c. de toestemming inzake het verlaten of de overdracht van dieren, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de Regeling verbod handel met bepaalde stoffen behandelde dieren en producenten;
d. de maatregelen, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Regeling verbod handel met bepaalde stoffen behandelde dieren en producten;
e. het besluit tot toepassing van bestuursdwang van de artikelen 106 en 117 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren en artikel 96 van de Veewet, alsmede om ambtenaren van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij aan te wijzen die de beslissing tot bestuursdwang uitvoeren;
f. de uitvoering, bedoeld in de Regeling uitvoering EG-Verordening 494/98 alsmede om ambtenaren van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij aan te wijzen die deze beslissing uitvoeren.
a. het in rekening brengen van de kosten, bedoeld in artikel 3 van de Regeling gebruik hormonen en beta-agonisten en bedoeld in de artikelen 5 en 6 van de Regeling verbod handel met bepaalde stoffen behandelde dieren en producten;
b. de ondertoezichtplaatsing, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Regeling verbod handel met bepaalde stoffen behandelde dieren en producten;
c. de toestemming inzake het verlaten of de overdracht van dieren, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de Regeling verbod handel met bepaalde stoffen behandelde dieren en producenten;
d. de maatregelen, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Regeling verbod handel met bepaalde stoffen behandelde dieren en producten;
e. het besluit tot toepassing van bestuursdwang van de artikelen 106 en 117 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren en artikel 96 van de Veewet, alsmede om ambtenaren van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij aan te wijzen die de beslissing tot bestuursdwang uitvoeren;
f. de uitvoering, bedoeld in de Regeling uitvoering EG-Verordening 494/98 alsmede om ambtenaren van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij aan te wijzen die deze beslissing uitvoeren.