BWBR0012183
Geldig vanaf 2001-01-27
Artikel 4
Besluit Landelijke Commissie Psychosociale Nazorg bij Rampen
1. De commissie stelt binnen twee weken na installatie haar eigen werkwijze vast in de vorm van een plan van aanpak.
2. Het secretariaat van de commissie zal worden gevoerd door de organisatie Aarts Psychotrauma (onderzoek, advies en training).
3. De commissie schakelt waar nodig deskundigen in en kan zich doen bijstaan door andere personen en (onderzoeks-) organisaties voor zover dat voor de vervulling van haar taak noodzakelijk is. De commissie raadpleegt in ieder geval organisaties en personen die op enigerlei wijze betrokken zijn (geweest) bij een ramp.
4. De commissie is bevoegd om zich voor het verkrijgen van informatie te wenden tot overheidsdiensten en instellingen en groeperingen buiten de overheid.
5. De commissie brengt uiterlijk mei 2001 een rapport uit van haar bevindingen bestaande uit twee delen. Het ene deel bevat een gefaseerde voor implementatie geschikte, uitgewerkte opzet voor een landelijk kenniscentrum voor psychosociale nazorg bij rampen. Het andere deel bevat een set concrete aanbevelingen over de wijze waarop een landelijk kenniscentrum voor psychosociale nazorg opgezet kan worden.
2. Het secretariaat van de commissie zal worden gevoerd door de organisatie Aarts Psychotrauma (onderzoek, advies en training).
3. De commissie schakelt waar nodig deskundigen in en kan zich doen bijstaan door andere personen en (onderzoeks-) organisaties voor zover dat voor de vervulling van haar taak noodzakelijk is. De commissie raadpleegt in ieder geval organisaties en personen die op enigerlei wijze betrokken zijn (geweest) bij een ramp.
4. De commissie is bevoegd om zich voor het verkrijgen van informatie te wenden tot overheidsdiensten en instellingen en groeperingen buiten de overheid.
5. De commissie brengt uiterlijk mei 2001 een rapport uit van haar bevindingen bestaande uit twee delen. Het ene deel bevat een gefaseerde voor implementatie geschikte, uitgewerkte opzet voor een landelijk kenniscentrum voor psychosociale nazorg bij rampen. Het andere deel bevat een set concrete aanbevelingen over de wijze waarop een landelijk kenniscentrum voor psychosociale nazorg opgezet kan worden.