BWBR0012118
Geldig vanaf 2001-11-14
Artikel 8
Tijdelijke regeling uitkering experimenten uitvoering basistakenpakket JGZ
1. Ten behoeve van een experiment als bedoeld in artikel 2, onder a of b, kan de minister de uitkering als bedoeld in artikel 6 vermeerderen met de kosten die de coördinerende gemeente maakt, indien:
a) er zonder deze kosten een aantoonbare financiële belemmering zou zijn voor het tot stand komen van de samenwerking per 1 januari 2002;
b) de aanvraag voldoende inzicht biedt in het samenwerkingsproces, de daarmee samenhangende knelpunten en de voorgestelde oplossingen. In het bijzonder geeft de aanvraag een helder beeld van de financiële problematiek rond het experiment.
2. De vermeerdering van de uitkering als bedoeld in het eerste lid bedraagt maximaal € 907 560,43 per experiment.
3. De gemeente die een vermeerdering van de uitkering als bedoeld in het eerste lid is verleend, betaalt daarmee niet meer aan de desbetreffende thuiszorgorganisatie of GGD dan het bedrag dat terzake door de minister bij wijze van voorschot is verstrekt.
a) er zonder deze kosten een aantoonbare financiële belemmering zou zijn voor het tot stand komen van de samenwerking per 1 januari 2002;
b) de aanvraag voldoende inzicht biedt in het samenwerkingsproces, de daarmee samenhangende knelpunten en de voorgestelde oplossingen. In het bijzonder geeft de aanvraag een helder beeld van de financiële problematiek rond het experiment.
2. De vermeerdering van de uitkering als bedoeld in het eerste lid bedraagt maximaal € 907 560,43 per experiment.
3. De gemeente die een vermeerdering van de uitkering als bedoeld in het eerste lid is verleend, betaalt daarmee niet meer aan de desbetreffende thuiszorgorganisatie of GGD dan het bedrag dat terzake door de minister bij wijze van voorschot is verstrekt.