BWBR0012107
Geldig vanaf 2001-01-18
Artikel 12
Tijdelijk examenreglement archivistiek
1. De tijdsduur voor de vakken van het examen archivistiek A wordt, onverminderd het bepaalde in het tweede lid, als volgt vastgesteld.
Vakken eerste gedeelte:
a. archivistiek en
b. methodiek van het archiefonderzoek: twintig minuten;
c. paleografie, beperkt tot teksten in het Nederlands,
d. historische chronologie en
e. ambtelijk Nederlands van vóór 1700: twintig minuten;
f. oorkondenleer: tien minuten;
g. archiefwetgeving: tien minuten. Vakken tweede gedeelte:
h. inleiding tot de rechtswetenschap en
i. staatsinrichting van Nederland en
j. geschiedenis van de Nederlandse rechtsinstellingen: twintig minuten;
k. geschiedenis van Nederland en geschiedenis van de Nederlandse staatsinstellingen: 20 minuten;
l. geschiedenis van de kerkelijke instellingen in Nederland: twintig minuten.
2. De examencommissie kan, indien zij dit nodig acht, de totale tijdsduur van zowel het eerste als het tweede gedeelte van het in het eerste lid bedoelde examen met ten hoogste vijftien minuten verlengen.
Vakken eerste gedeelte:
a. archivistiek en
b. methodiek van het archiefonderzoek: twintig minuten;
c. paleografie, beperkt tot teksten in het Nederlands,
d. historische chronologie en
e. ambtelijk Nederlands van vóór 1700: twintig minuten;
f. oorkondenleer: tien minuten;
g. archiefwetgeving: tien minuten. Vakken tweede gedeelte:
h. inleiding tot de rechtswetenschap en
i. staatsinrichting van Nederland en
j. geschiedenis van de Nederlandse rechtsinstellingen: twintig minuten;
k. geschiedenis van Nederland en geschiedenis van de Nederlandse staatsinstellingen: 20 minuten;
l. geschiedenis van de kerkelijke instellingen in Nederland: twintig minuten.
2. De examencommissie kan, indien zij dit nodig acht, de totale tijdsduur van zowel het eerste als het tweede gedeelte van het in het eerste lid bedoelde examen met ten hoogste vijftien minuten verlengen.