BWBR0012035
Geldig vanaf 2001-01-01
Artikel 5b
Uitvoeringsregeling willekeurige afschrijving 2001
1. De Minister van Infrastructuur en Waterstaat kan de in artikel 5abedoelde verklaring intrekken op verzoek van de belastingplichtige, dan wel wijzigen of intrekken indien de door of namens de belastingplichtige verstrekte gegevens of bescheiden zodanig onjuist of onvolledig zijn geweest dat op het verzoek een andere beslissing zou zijn genomen indien bij de beoordeling daarvan de juiste of volledige gegevens bekend zouden zijn geweest. Onjuistheid of onvolledigheid van gegevens of bescheiden die de Minister van Infrastructuur en Waterstaat bekend was of redelijkerwijs bekend had kunnen zijn, kunnen geen grond opleveren voor wijziging of intrekking van een verklaring.
2. De bevoegdheid tot het intrekken of wijzigen van een verklaring ingevolge het eerste lid vervalt door verloop van vijf jaren na de dagtekening van de verklaring.
2. De bevoegdheid tot het intrekken of wijzigen van een verklaring ingevolge het eerste lid vervalt door verloop van vijf jaren na de dagtekening van de verklaring.