BWBR0011849
Geldig vanaf 2002-04-01
Artikel 9
Besluit beheer en schadebestrijding dieren
1. Jachtvogels worden voor het vangen of doden van dieren slechts gebruikt door personen die in het bezit zijn van een geldige valkeniersakte.
2. Kastvallen worden niet gebruikt voor het vangen van:
a. vogels als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel b, van de wet, of
b. zoogdieren behorende tot soorten genoemd in bijlage IV en V, onderdeel a, van richtlijn 92/43/EEG.
3. Klemmen worden slechts gebruikt voor het vangen of doden van mollen, veldmuizen, bosmuizen, huismuizen, woelratten, bruine ratten, zwarte ratten, muskusratten en beverratten.
4. Buidels worden slechts gebruikt voor het vangen en doden van konijnen.
5. Levende lokvogels worden slechts gebruikt voorzover:
a. het gefokte eksters, gefokte zwarte kraaien of gefokte kauwen betreft, als hulpmiddel voor het vangen van eksters, zwarte kraaien onderscheidenlijk kauwen, met vangkooien of met kastvallen die zodanig zijn vervaardigd dat in de kastval geen lichamelijk contact mogelijk is tussen de lokvogel en de te vangen vogel, en
b. de lokvogels zijn voorzien van voldoende voedsel en water.
6. Kunstmatige lichtbronnen worden uitsluitend gebruikt indien is voldaan aan elk van de volgende voorwaarden:
a. het middel wordt gebruikt voor het vangen of doden van vossen;
b. voor het gebruik is toestemming verleend door gedeputeerde staten.
7. Aardhonden worden ten behoeve van het vangen en doden van vossen niet gebruikt in holen in de periode van 1 maart tot 1 september.
8. Rodenators worden slechts gebruikt voor het vangen en doden van woelratten.
2. Kastvallen worden niet gebruikt voor het vangen van:
a. vogels als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel b, van de wet, of
b. zoogdieren behorende tot soorten genoemd in bijlage IV en V, onderdeel a, van richtlijn 92/43/EEG.
3. Klemmen worden slechts gebruikt voor het vangen of doden van mollen, veldmuizen, bosmuizen, huismuizen, woelratten, bruine ratten, zwarte ratten, muskusratten en beverratten.
4. Buidels worden slechts gebruikt voor het vangen en doden van konijnen.
5. Levende lokvogels worden slechts gebruikt voorzover:
a. het gefokte eksters, gefokte zwarte kraaien of gefokte kauwen betreft, als hulpmiddel voor het vangen van eksters, zwarte kraaien onderscheidenlijk kauwen, met vangkooien of met kastvallen die zodanig zijn vervaardigd dat in de kastval geen lichamelijk contact mogelijk is tussen de lokvogel en de te vangen vogel, en
b. de lokvogels zijn voorzien van voldoende voedsel en water.
6. Kunstmatige lichtbronnen worden uitsluitend gebruikt indien is voldaan aan elk van de volgende voorwaarden:
a. het middel wordt gebruikt voor het vangen of doden van vossen;
b. voor het gebruik is toestemming verleend door gedeputeerde staten.
7. Aardhonden worden ten behoeve van het vangen en doden van vossen niet gebruikt in holen in de periode van 1 maart tot 1 september.
8. Rodenators worden slechts gebruikt voor het vangen en doden van woelratten.