BWBR0011773
Geldig vanaf 2000-11-25
Artikel 14
Regeling Leonardo da Vinci-II
1. Het CINOP biedt uiterlijk 1 juni van ieder jaar de minister een financieel verslag aan over de voorgaande begrotingsperiode.
2. Het financiële verslag bevat een overzicht van alle baten, lasten en rentebaten met betrekking tot de uitvoering van Leonardo da Vinci-II. Het financiële verslag dient eveneens te worden opgenomen in een afzonderlijke bijlage behorende bij het financiële verslag van het CINOP bedoeld in artikel 8 van de Wet subsidiëring onderwijsondersteunende activiteiten.
3. Het financiële verslag gaat vergezeld van een verklaring omtrent de getrouwheid, afgegeven door een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.
4. De verklaring van de accountant bevat tevens een oordeel over de naleving van de subsidievoorwaarden door het CINOP.
5. De minister kan nadere verplichtingen opleggen in verband met de inrichting van de verklaring van de accountant.
6. In het geval dat, blijkens het financiële verslag, de kosten in enig jaar lager zijn dan het betaalde voorschot, beslist de minister hoe het teveel betaalde verrekend wordt.
7. Rente wordt bij de vaststelling van de subsidie verevend tenzij de minister op voorstel van het CINOP anders beslist.
2. Het financiële verslag bevat een overzicht van alle baten, lasten en rentebaten met betrekking tot de uitvoering van Leonardo da Vinci-II. Het financiële verslag dient eveneens te worden opgenomen in een afzonderlijke bijlage behorende bij het financiële verslag van het CINOP bedoeld in artikel 8 van de Wet subsidiëring onderwijsondersteunende activiteiten.
3. Het financiële verslag gaat vergezeld van een verklaring omtrent de getrouwheid, afgegeven door een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.
4. De verklaring van de accountant bevat tevens een oordeel over de naleving van de subsidievoorwaarden door het CINOP.
5. De minister kan nadere verplichtingen opleggen in verband met de inrichting van de verklaring van de accountant.
6. In het geval dat, blijkens het financiële verslag, de kosten in enig jaar lager zijn dan het betaalde voorschot, beslist de minister hoe het teveel betaalde verrekend wordt.
7. Rente wordt bij de vaststelling van de subsidie verevend tenzij de minister op voorstel van het CINOP anders beslist.