BWBR0011741
Geldig vanaf 2000-11-02
Artikel 3
Regeling bruin- en ringrot 2000
1. Het is verboden om oppervlaktewater op enigerlei wijze te gebruiken voor of bij de teelt van pootaardappelen.
2. Het verbod, gesteld in het eerste lid, is in de in bijlage 2genoemde gebieden eveneens van toepassing voor of bij de teelt van:
a. aardappelen anders dan de aardappelen bedoeld in het eerste lid;
b. tomaat (Lycopersicon lycopersicum (L.) Karst. Ex Farw);
c. aubergine (Solanum melongena L.);
d. raketbladige nachtschade (Solanum sisymbriifolium Lam.);
e. geranium, behorend tot de soort Pelargonium zonale (L.) L’Hérit. Ex Ait.;
f. postelein (Postulaca oleracea L.).
3. Het verbod, gesteld in het eerste lid, is niet van toepassing voor gebruik van oppervlaktewater dat is opgeslagen in een bruinrot veilige infiltratiesloot die is gelegen buiten de in bijlage 2genoemde gebieden.
4. Het verbod, gesteld in het eerste en tweede lid, is niet van toepassing voor gebruik van oppervlaktewater dat is opgeslagen in een bruinrot veilige afwateringssloot.
2. Het verbod, gesteld in het eerste lid, is in de in bijlage 2genoemde gebieden eveneens van toepassing voor of bij de teelt van:
a. aardappelen anders dan de aardappelen bedoeld in het eerste lid;
b. tomaat (Lycopersicon lycopersicum (L.) Karst. Ex Farw);
c. aubergine (Solanum melongena L.);
d. raketbladige nachtschade (Solanum sisymbriifolium Lam.);
e. geranium, behorend tot de soort Pelargonium zonale (L.) L’Hérit. Ex Ait.;
f. postelein (Postulaca oleracea L.).
3. Het verbod, gesteld in het eerste lid, is niet van toepassing voor gebruik van oppervlaktewater dat is opgeslagen in een bruinrot veilige infiltratiesloot die is gelegen buiten de in bijlage 2genoemde gebieden.
4. Het verbod, gesteld in het eerste en tweede lid, is niet van toepassing voor gebruik van oppervlaktewater dat is opgeslagen in een bruinrot veilige afwateringssloot.