Artikel 1
1. Het aantal verzekerden per 1 januari 1999, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Wet medefinanciering oververtegenwoordiging oudere ziekenfondsverzekerden, wordt vastgesteld op 209.792.
2. Het bedrag per 1 januari 1999, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de wet, wordt vastgesteld op f 4.212,71.
3. Het mede te financieren bedrag voor het jaar 1999, bedoeld in artikel 4, derde lid, van de wet, wordt vastgesteld op f 883.792.856,-.
2. Het bedrag per 1 januari 1999, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de wet, wordt vastgesteld op f 4.212,71.
3. Het mede te financieren bedrag voor het jaar 1999, bedoeld in artikel 4, derde lid, van de wet, wordt vastgesteld op f 883.792.856,-.