BWBR0011708
Geldig vanaf 2017-01-01
Artikel 2c
Boetebesluit socialezekerheidswetten
1. De hoogte van de bestuurlijke boete, bedoeld in de artikelen 38, derde lid, 38a, achtste lid, 38aa, derde lid, en 63c van de ZWbedraagt:
a. € 70, indien de aangifte van de ongeschiktheid tot werken, de aangifte van de laatste dag van de dienstbetrekking, de hersteldmelding respectievelijk de melding zich niet meer te laten bijstaan door een persoon als bedoeld in artikel 63c van de ZW, of de melding, bedoeld in artikel 38a, zevende lid, van de ZW, minder dan 7 kalenderdagen te laat is gedaan;
b. € 230, indien de aangifte van de ongeschiktheid tot werken, de aangifte van de laatste dag van de dienstbetrekking, de hersteldmelding respectievelijk de melding zich niet meer te laten bijstaan door een persoon als bedoeld in artikel 63c van de ZW, of de melding, bedoeld in artikel 38a, zevende lid, van de ZW, 7 kalenderdagen of meer doch minder dan 28 kalenderdagen te laat is gedaan;
c. € 455, indien de aangifte van de ongeschiktheid tot werken, de aangifte van de laatste dag van de dienstbetrekking, de hersteldmelding respectievelijk de melding zich niet meer te laten bijstaan door een persoon als bedoeld in artikel 63c van de ZW, of de melding, bedoeld in artikel 38a, zevende lid, van de ZW, 28 kalenderdagen of meer te laat is gedaan;
d. € 455, indien de aangifte van de ongeschiktheid tot werken, de datum van de laatste dag van de dienstbetrekking, de datum van herstel respectievelijk de datum sedert wanneer de werkgever zich niet meer laat bijstaan door een persoon als bedoeld in artikel 63c van de ZW, of de melding, bedoeld in artikel 38a, zevende lid, van de ZW, onjuist is opgegeven.
2. De bestuurlijke boete wegens het niet nakomen van de verplichtingen, bedoeld in de artikelen 38, eerste lid en tweede lid, eerste zin, 38a, vijfde en zesde lid, 38aa, eerste en tweede lid, en 63c van de ZWbedraagt € 455.
a. € 70, indien de aangifte van de ongeschiktheid tot werken, de aangifte van de laatste dag van de dienstbetrekking, de hersteldmelding respectievelijk de melding zich niet meer te laten bijstaan door een persoon als bedoeld in artikel 63c van de ZW, of de melding, bedoeld in artikel 38a, zevende lid, van de ZW, minder dan 7 kalenderdagen te laat is gedaan;
b. € 230, indien de aangifte van de ongeschiktheid tot werken, de aangifte van de laatste dag van de dienstbetrekking, de hersteldmelding respectievelijk de melding zich niet meer te laten bijstaan door een persoon als bedoeld in artikel 63c van de ZW, of de melding, bedoeld in artikel 38a, zevende lid, van de ZW, 7 kalenderdagen of meer doch minder dan 28 kalenderdagen te laat is gedaan;
c. € 455, indien de aangifte van de ongeschiktheid tot werken, de aangifte van de laatste dag van de dienstbetrekking, de hersteldmelding respectievelijk de melding zich niet meer te laten bijstaan door een persoon als bedoeld in artikel 63c van de ZW, of de melding, bedoeld in artikel 38a, zevende lid, van de ZW, 28 kalenderdagen of meer te laat is gedaan;
d. € 455, indien de aangifte van de ongeschiktheid tot werken, de datum van de laatste dag van de dienstbetrekking, de datum van herstel respectievelijk de datum sedert wanneer de werkgever zich niet meer laat bijstaan door een persoon als bedoeld in artikel 63c van de ZW, of de melding, bedoeld in artikel 38a, zevende lid, van de ZW, onjuist is opgegeven.
2. De bestuurlijke boete wegens het niet nakomen van de verplichtingen, bedoeld in de artikelen 38, eerste lid en tweede lid, eerste zin, 38a, vijfde en zesde lid, 38aa, eerste en tweede lid, en 63c van de ZWbedraagt € 455.