BWBR0011552
Geldig vanaf 2000-09-08
Artikel 12
Privacyreglement Kwaliteitsbureau Tolken en Vertalers
1. De geregistreerde kan de rechten genoemd in de artikelen 29, 31 en 32 van de wet uitoefenen door het in deze artikelen bedoelde verzoek schriftelijk te richten aan de houder, ter attentie van de directeur Bestuurszaken, per adres Postbus 20300, 2500 EH Den Haag.
2. Op een verzoek als bedoeld in artikel 29 en 32 van de wet wordt binnen vier weken nadat het verzoek is ontvangen, geantwoord. Op een verzoek als bedoeld in artikel 31 wordt binnen acht weken geantwoord.
3. De mededeling als bedoeld in artikel 29 en 32 van de wet wordt geweigerd voor zover dit noodzakelijk is in het belang van:
a. de veiligheid van de staat;
b. de opsporing en vervolging van strafbare feiten;
c. economische en financiële belangen van de staat en andere openbare lichamen;
d. inspectie, controle en toezicht door of vanwege overheidsorganen of andere organen met publiekrechtelijke taak;
e. gewichtige belangen van anderen dan de verzoeker, de houder daaronder begrepen.
4. De functionaris belast met de behandeling van de verzoeken genoemd in het eerste lid is bevoegd ter vaststelling van de identiteit van de verzoeker of diens vertegenwoordiger zonodig inzage te vragen van documenten waaruit de identiteit kan blijken. Hij kan van de verzoeker of diens vertegenwoordiger verlangen dat die in persoon bij hem verschijnt.
5. De beantwoording van de verzoeken, met inbegrip van de weigering aan het verzoek te voldoen, geschiedt schriftelijk.
6. Indien de houder niet voldoet aan het verzoek van betrokkene zoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel, of daar niet schriftelijk aan voldoet, kan betrokkene zich wenden tot de arrondissementsrechtbank of de Registratiekamer, zoals bepaald in artikel 34 van de wet.
2. Op een verzoek als bedoeld in artikel 29 en 32 van de wet wordt binnen vier weken nadat het verzoek is ontvangen, geantwoord. Op een verzoek als bedoeld in artikel 31 wordt binnen acht weken geantwoord.
3. De mededeling als bedoeld in artikel 29 en 32 van de wet wordt geweigerd voor zover dit noodzakelijk is in het belang van:
a. de veiligheid van de staat;
b. de opsporing en vervolging van strafbare feiten;
c. economische en financiële belangen van de staat en andere openbare lichamen;
d. inspectie, controle en toezicht door of vanwege overheidsorganen of andere organen met publiekrechtelijke taak;
e. gewichtige belangen van anderen dan de verzoeker, de houder daaronder begrepen.
4. De functionaris belast met de behandeling van de verzoeken genoemd in het eerste lid is bevoegd ter vaststelling van de identiteit van de verzoeker of diens vertegenwoordiger zonodig inzage te vragen van documenten waaruit de identiteit kan blijken. Hij kan van de verzoeker of diens vertegenwoordiger verlangen dat die in persoon bij hem verschijnt.
5. De beantwoording van de verzoeken, met inbegrip van de weigering aan het verzoek te voldoen, geschiedt schriftelijk.
6. Indien de houder niet voldoet aan het verzoek van betrokkene zoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel, of daar niet schriftelijk aan voldoet, kan betrokkene zich wenden tot de arrondissementsrechtbank of de Registratiekamer, zoals bepaald in artikel 34 van de wet.