BWBR0011483
Geldig vanaf 2000-07-13
Artikel 10
Stimuleringsregeling inrichting duurzame glastuinbouwgebieden
1. Aanvragen worden zodanig gerangschikt dat een ontwikkelingsproject hoger wordt gerangschikt naarmate het project:
a. een grotere bijdrage levert aan de reductie van de emissie van CO2 door; 1°. het creëren van een lagere energiebehoefte voor de glastuinbouwondernemers in het planoppervlak,
2°. het aanleggen van een optimale energie-infrastructuur, of
3°. het zoveel mogelijk voorzien in de energiebehoefte door de aanwending van rest- en afvalwarmte, rest-CO2 of duurzame energie;
1°. het creëren van een lagere energiebehoefte voor de glastuinbouwondernemers in het planoppervlak,
2°. het aanleggen van een optimale energie-infrastructuur, of
3°. het zoveel mogelijk voorzien in de energiebehoefte door de aanwending van rest- en afvalwarmte, rest-CO2 of duurzame energie;
b. een grotere bijdrage levert aan het integraal waterbeheer en aan de vermindering van emissie van milieubelastende stoffen naar grond- en oppervlaktewater;
c. beter aansluit bij de landschappelijke karakteristieken van het omliggende gebied en door vormgeving en inrichting een hogere landschappelijke waarde realiseert;
d. een grotere bijdrage levert aan een efficiënte en veilige aan- en afvoer van goederen en het stimuleren van andere transportmethoden dan wegtransport;
e. een grotere bijdrage levert aan de verkeersveiligheid en de bereikbaarheid voor arbeidskrachten;
f. een grotere bijdrage levert aan de beperking en een milieuvriendelijke verwerking van afvalstromen;
g. een grotere bijdrage levert aan de herstructurering van bestaande glastuinbouwgebieden door voorrang te geven aan de vestiging van glastuinbouwbedrijven die moeten worden verplaatst vanwege: 1°. herstructurering van bestaande glastuinbouwgebieden,
2°. functieverandering van het gebied waarin de bedrijven zijn gevestigd, of
3°. sanering, op basis van de solitaire ligging van het bedrijf, die vanuit het oogpunt van landschap, natuur, of milieu ongewenst is;
1°. herstructurering van bestaande glastuinbouwgebieden,
2°. functieverandering van het gebied waarin de bedrijven zijn gevestigd, of
3°. sanering, op basis van de solitaire ligging van het bedrijf, die vanuit het oogpunt van landschap, natuur, of milieu ongewenst is;
h. meer mogelijkheden biedt voor eventuele toekomstige bedrijfsontwikkeling;
i. beter voorziet in multifunctioneel gebruik van het planoppervlak..
2. De in het eerste lid, in de onderdelen a tot en met i bedoelde criteria worden gewogen conform de in bijlage 1opgenomen wegingsfactoren.
3. De minister kan een beoordelingskader vaststellen, waarin de in het eerste lid genoemde criteria nader worden uitgewerkt. Het beoordelingskader zal op een in de Staatscourant bekend te maken plaats ter inzage worden gelegd.
a. een grotere bijdrage levert aan de reductie van de emissie van CO2 door; 1°. het creëren van een lagere energiebehoefte voor de glastuinbouwondernemers in het planoppervlak,
2°. het aanleggen van een optimale energie-infrastructuur, of
3°. het zoveel mogelijk voorzien in de energiebehoefte door de aanwending van rest- en afvalwarmte, rest-CO2 of duurzame energie;
1°. het creëren van een lagere energiebehoefte voor de glastuinbouwondernemers in het planoppervlak,
2°. het aanleggen van een optimale energie-infrastructuur, of
3°. het zoveel mogelijk voorzien in de energiebehoefte door de aanwending van rest- en afvalwarmte, rest-CO2 of duurzame energie;
b. een grotere bijdrage levert aan het integraal waterbeheer en aan de vermindering van emissie van milieubelastende stoffen naar grond- en oppervlaktewater;
c. beter aansluit bij de landschappelijke karakteristieken van het omliggende gebied en door vormgeving en inrichting een hogere landschappelijke waarde realiseert;
d. een grotere bijdrage levert aan een efficiënte en veilige aan- en afvoer van goederen en het stimuleren van andere transportmethoden dan wegtransport;
e. een grotere bijdrage levert aan de verkeersveiligheid en de bereikbaarheid voor arbeidskrachten;
f. een grotere bijdrage levert aan de beperking en een milieuvriendelijke verwerking van afvalstromen;
g. een grotere bijdrage levert aan de herstructurering van bestaande glastuinbouwgebieden door voorrang te geven aan de vestiging van glastuinbouwbedrijven die moeten worden verplaatst vanwege: 1°. herstructurering van bestaande glastuinbouwgebieden,
2°. functieverandering van het gebied waarin de bedrijven zijn gevestigd, of
3°. sanering, op basis van de solitaire ligging van het bedrijf, die vanuit het oogpunt van landschap, natuur, of milieu ongewenst is;
1°. herstructurering van bestaande glastuinbouwgebieden,
2°. functieverandering van het gebied waarin de bedrijven zijn gevestigd, of
3°. sanering, op basis van de solitaire ligging van het bedrijf, die vanuit het oogpunt van landschap, natuur, of milieu ongewenst is;
h. meer mogelijkheden biedt voor eventuele toekomstige bedrijfsontwikkeling;
i. beter voorziet in multifunctioneel gebruik van het planoppervlak..
2. De in het eerste lid, in de onderdelen a tot en met i bedoelde criteria worden gewogen conform de in bijlage 1opgenomen wegingsfactoren.
3. De minister kan een beoordelingskader vaststellen, waarin de in het eerste lid genoemde criteria nader worden uitgewerkt. Het beoordelingskader zal op een in de Staatscourant bekend te maken plaats ter inzage worden gelegd.