BWBR0011476
Geldig vanaf 2000-10-14
Artikel 4
Subsidieregeling modernisering onderwijsleermethoden primair onderwijs
1. De subsidie wordt als bestemmingsbedrag aan de school verleend.
2. De subsidie wordt verleend onder de voorwaarde dat de school in de aanvraag vaststelling rijksvergoeding (AVR) over het jaar 2000 en/of 2001 aangeeft hoe deze eenmalige bijdrage is besteed en welke leermethoden op grond van deze subsidieregeling vervangen zijn.
3. De subsidie wordt verleend aan de school waar leerlingen ingeschreven staan op de teldatum 1 oktober 1999.
4. Voor de bepaling van het aantal leerlingen zal worden uitgegaan van de door het bevoegd gezag gevalideerde telgegevens op 1 oktober 1999. Dit aantal leerlingen wordt voor de bekostiging verhoogd met 3%, zijnde het instroomcorrectiepercentage voor de opvang van de reguliere groei. Indien de school vanwege een groei van het aantal leerlingen gebruik kan maken van de groeiregeling zijn de gevalideerde gegevens op de desbetreffende groeitellingen maatgevend: voor het basisonderwijs is dit de datum 1 maart 2000 en voor het (voortgezet) speciaal onderwijs de datum 16 januari 2000.
5. De minister kan de subsidie geheel of gedeeltelijk terugvorderen indien uit de aanvraag vaststelling rijksvergoeding blijkt dat deze niet is besteed in overeenstemming met de bepalingen van deze regeling.
2. De subsidie wordt verleend onder de voorwaarde dat de school in de aanvraag vaststelling rijksvergoeding (AVR) over het jaar 2000 en/of 2001 aangeeft hoe deze eenmalige bijdrage is besteed en welke leermethoden op grond van deze subsidieregeling vervangen zijn.
3. De subsidie wordt verleend aan de school waar leerlingen ingeschreven staan op de teldatum 1 oktober 1999.
4. Voor de bepaling van het aantal leerlingen zal worden uitgegaan van de door het bevoegd gezag gevalideerde telgegevens op 1 oktober 1999. Dit aantal leerlingen wordt voor de bekostiging verhoogd met 3%, zijnde het instroomcorrectiepercentage voor de opvang van de reguliere groei. Indien de school vanwege een groei van het aantal leerlingen gebruik kan maken van de groeiregeling zijn de gevalideerde gegevens op de desbetreffende groeitellingen maatgevend: voor het basisonderwijs is dit de datum 1 maart 2000 en voor het (voortgezet) speciaal onderwijs de datum 16 januari 2000.
5. De minister kan de subsidie geheel of gedeeltelijk terugvorderen indien uit de aanvraag vaststelling rijksvergoeding blijkt dat deze niet is besteed in overeenstemming met de bepalingen van deze regeling.