BWBR0011441
Geldig vanaf 2000-07-01
Artikel 9o
Regeling betreffende het bijeenbrengen van dieren 2000
1. Het is verboden schapen of geiten van een schapenverzamelcentrum, onderscheidenlijk geitenverzamelcentrum, af te voeren anders dan naar een slachthuis.
2. De aanbieder draagt ervoor zorg dat iedere vervoerseenheid waarin schapen of geiten van een schapenverzamelcentrum, onderscheidenlijk een geitenverzamelcentrum, worden afgevoerd wordt verzegeld met een door de Minister voor het desbetreffende schapenverzamelcentrum, onderscheidenlijk geitenverzamelcentrum, goedgekeurd zegel. Lossing van een vervoerseenheid geschiedt op ten hoogste één slachthuis.
3. De afvoer van slachtschapen en -geiten van een op grond van artikel 9lerkend schapenverzamelcentrum, onderscheidenlijk een geitenverzamelcentrum, naar een niet in Nederland gelegen slachthuis geschiedt met inachtneming van de Hoofdstukken 2en 7 van de Regeling handel levende dieren en levende producten.
4. In afwijking van het eerste lid geschiedt de afvoer van slachtschapen en -geiten van een op grond van artikel 9l erkend schapenverzamelcentrum, onderscheidenlijk een geitenverzamelcentrum, rechtstreeks naar een buiten Nederland gelegen verzamelcentrum met inachtneming van de Hoofdstukken 2en 7 van de Regeling handel levende dieren en levende producten.
5. Het is verboden op een bedrijf, niet zijnde een slachterij, schapen of geiten, afkomstig van een schapenverzamelcentrum, onderscheidenlijk een geitenverzamelcentrum, te ontvangen.
2. De aanbieder draagt ervoor zorg dat iedere vervoerseenheid waarin schapen of geiten van een schapenverzamelcentrum, onderscheidenlijk een geitenverzamelcentrum, worden afgevoerd wordt verzegeld met een door de Minister voor het desbetreffende schapenverzamelcentrum, onderscheidenlijk geitenverzamelcentrum, goedgekeurd zegel. Lossing van een vervoerseenheid geschiedt op ten hoogste één slachthuis.
3. De afvoer van slachtschapen en -geiten van een op grond van artikel 9lerkend schapenverzamelcentrum, onderscheidenlijk een geitenverzamelcentrum, naar een niet in Nederland gelegen slachthuis geschiedt met inachtneming van de Hoofdstukken 2en 7 van de Regeling handel levende dieren en levende producten.
4. In afwijking van het eerste lid geschiedt de afvoer van slachtschapen en -geiten van een op grond van artikel 9l erkend schapenverzamelcentrum, onderscheidenlijk een geitenverzamelcentrum, rechtstreeks naar een buiten Nederland gelegen verzamelcentrum met inachtneming van de Hoofdstukken 2en 7 van de Regeling handel levende dieren en levende producten.
5. Het is verboden op een bedrijf, niet zijnde een slachterij, schapen of geiten, afkomstig van een schapenverzamelcentrum, onderscheidenlijk een geitenverzamelcentrum, te ontvangen.