BWBR0011334
Geldig vanaf 2000-06-01
Artikel 3
Postbesluit
1. Het postvervoer binnen Nederland, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de wet, omvat:
a. brieven en drukwerken die ten aanzien van het gewicht elk afzonderlijk ten hoogste twee kilogram wegen, alsmede pakketten die elk afzonderlijk ten hoogste tien kilogram wegen, met dien verstande dat ten aanzien van postzendingen die in hoofdzaak tekst bevatten in voor blinden bestemde tekens het gewicht wordt vastgesteld op ten hoogste zeven kilogram.
b. postzendingen waarvan de grootste afmeting ten hoogste honderd centimeter bedraagt en de overige afmetingen ten hoogste vijftig centimeter, waarbij een afwijking van twee millimeter is toegestaan.
2. Het postvervoer van of naar gebieden buiten Nederland, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de wet, omvat:
a. brieven, drukwerken en briefpakjes die ten aanzien van het gewicht elk afzonderlijk ten hoogste twee kilogram wegen, boeken tot een gewichtsgrens van 5 kilogram, alsmede pakketten die elk afzonderlijk ten hoogste twintig kilogram wegen, met dien verstande dat ten aanzien van postzendingen die in hoofdzaak tekst bevatten in voor blinden bestemde tekens het gewicht wordt vastgesteld op ten hoogste zeven kilogram.
b. postzendingen waarvan de afmetingen ten minste de minimumafmetingen, bedoeld in de akten van de Wereldpostunie, en ten hoogste de maximumafmetingen, bedoeld in die akten, bedragen.
a. brieven en drukwerken die ten aanzien van het gewicht elk afzonderlijk ten hoogste twee kilogram wegen, alsmede pakketten die elk afzonderlijk ten hoogste tien kilogram wegen, met dien verstande dat ten aanzien van postzendingen die in hoofdzaak tekst bevatten in voor blinden bestemde tekens het gewicht wordt vastgesteld op ten hoogste zeven kilogram.
b. postzendingen waarvan de grootste afmeting ten hoogste honderd centimeter bedraagt en de overige afmetingen ten hoogste vijftig centimeter, waarbij een afwijking van twee millimeter is toegestaan.
2. Het postvervoer van of naar gebieden buiten Nederland, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de wet, omvat:
a. brieven, drukwerken en briefpakjes die ten aanzien van het gewicht elk afzonderlijk ten hoogste twee kilogram wegen, boeken tot een gewichtsgrens van 5 kilogram, alsmede pakketten die elk afzonderlijk ten hoogste twintig kilogram wegen, met dien verstande dat ten aanzien van postzendingen die in hoofdzaak tekst bevatten in voor blinden bestemde tekens het gewicht wordt vastgesteld op ten hoogste zeven kilogram.
b. postzendingen waarvan de afmetingen ten minste de minimumafmetingen, bedoeld in de akten van de Wereldpostunie, en ten hoogste de maximumafmetingen, bedoeld in die akten, bedragen.