BWBR0011209
Geldig vanaf 2000-03-25
Artikel 5
Saneringsregeling overige asbestwegen
1. Een aanvraag als bedoeld in artikel 3, eerste lid, wordt door de eigenaar van de weg of de stroken ingediend bij InfoMil, Postbus 30732, 2500 GS Den Haag, met gebruikmaking van het aanvraagformulier dat is opgenomen in de bijlage, behorende bij deze regeling.
2. Door het toezenden van het ondertekende aanvraagformulier verklaart de aanvrager zich akkoord met de daarin gestelde voorwaarden en verplichtingen.
3. Een aanvraag dient voor 1 juni 2000 te zijn ontvangen. In het geval dat een aanvraag voor 1 juni 2000 is ontvangen, maar niet alle gevraagde gegevens bevat, verzoekt InfoMil de aanvrager deze gegevens binnen een door InfoMil te bepalen termijn alsnog te overleggen.
4. Een aanvraag die op of na 1 juni 2000 wordt ontvangen, wordt niet in behandeling genomen.
5. De minister beslist over de ontvankelijkheid van een aanvraag en deelt zijn beslissing voor 13 juli 2000 mee aan de aanvrager. In het geval dat een aanvraag die voor 1 juni 2000 is ontvangen niet alle gevraagde gegevens bevat, deelt de minister zijn beslissing over de ontvankelijkheid van die aanvraag binnen zes weken na afloop van de door InfoMil bepaalde termijn, bedoeld in het derde lid, aan de aanvrager mede.
6. De minister neemt voor 1 januari 2001 een beslissing op een aanvraag; hij kan zijn beslissing eenmaal met ten hoogste dertien weken verdagen.
7. In geval van indiening van een aanvraag als bedoeld in artikel 3, derde lid, onderdelen b, onder ten tweede, c en d, neemt de minister binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag een beslissing op die aanvraag.
2. Door het toezenden van het ondertekende aanvraagformulier verklaart de aanvrager zich akkoord met de daarin gestelde voorwaarden en verplichtingen.
3. Een aanvraag dient voor 1 juni 2000 te zijn ontvangen. In het geval dat een aanvraag voor 1 juni 2000 is ontvangen, maar niet alle gevraagde gegevens bevat, verzoekt InfoMil de aanvrager deze gegevens binnen een door InfoMil te bepalen termijn alsnog te overleggen.
4. Een aanvraag die op of na 1 juni 2000 wordt ontvangen, wordt niet in behandeling genomen.
5. De minister beslist over de ontvankelijkheid van een aanvraag en deelt zijn beslissing voor 13 juli 2000 mee aan de aanvrager. In het geval dat een aanvraag die voor 1 juni 2000 is ontvangen niet alle gevraagde gegevens bevat, deelt de minister zijn beslissing over de ontvankelijkheid van die aanvraag binnen zes weken na afloop van de door InfoMil bepaalde termijn, bedoeld in het derde lid, aan de aanvrager mede.
6. De minister neemt voor 1 januari 2001 een beslissing op een aanvraag; hij kan zijn beslissing eenmaal met ten hoogste dertien weken verdagen.
7. In geval van indiening van een aanvraag als bedoeld in artikel 3, derde lid, onderdelen b, onder ten tweede, c en d, neemt de minister binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag een beslissing op die aanvraag.