BWBR0011123
Geldig vanaf 2000-02-16
Artikel 5
Besluit verstrekking gegevens telecommunicatie
1. Een verzoek van de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 3, tweede lid, kan slechts in het systeem worden ingevoerd door een door Onze Minister van Justitie en Veiligheid geautoriseerde ambtenaar die daartoe gebruik maakt van een hem toegekende toegangscode.
2. De technische voorzieningen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, zijn alleen toegankelijk voor personen die door Onze Minister van Justitie en Veiligheid zijn geautoriseerd.
3. De vergelijking en doorgeleiding, bedoeld in artikel 3, vierde lid, kan 24 uur per dag plaatsvinden.
4. Bij de toegang, bedoeld in artikel 3, derde lid, tot de bestanden, bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, en de vergelijking en doorgeleiding, bedoeld in artikel 3, vierde lid, worden:
a. geen gegevens betreffende de bevoegde autoriteit, de inhoud van het verzoek en de beantwoording van het verzoek aan de aanbieder bekend,
b. geen gegevens van de aanbieder bekend aan anderen dan het informatiepunt of de bevoegde autoriteit,
c. aan het informatiepunt of de bevoegde autoriteit geen andere gegevens bekend dan die welke ingevolge artikel 4, eerste en tweede lid, zijn opgenomen in de in die artikelleden bedoelde bestanden.
5. De vergelijking, bedoeld in artikel 3, vierde lid, vindt slechts plaats aan de hand van een in het verzoek opgenomen gegeven betreffende naam, adres, postcode, huisnummer, nummertoevoeging of nummer.
6. De doorgeleiding, bedoeld in artikel 3, vierde lid, betreft slechts de gegevens waarop het verzoek zich richt.
2. De technische voorzieningen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, zijn alleen toegankelijk voor personen die door Onze Minister van Justitie en Veiligheid zijn geautoriseerd.
3. De vergelijking en doorgeleiding, bedoeld in artikel 3, vierde lid, kan 24 uur per dag plaatsvinden.
4. Bij de toegang, bedoeld in artikel 3, derde lid, tot de bestanden, bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, en de vergelijking en doorgeleiding, bedoeld in artikel 3, vierde lid, worden:
a. geen gegevens betreffende de bevoegde autoriteit, de inhoud van het verzoek en de beantwoording van het verzoek aan de aanbieder bekend,
b. geen gegevens van de aanbieder bekend aan anderen dan het informatiepunt of de bevoegde autoriteit,
c. aan het informatiepunt of de bevoegde autoriteit geen andere gegevens bekend dan die welke ingevolge artikel 4, eerste en tweede lid, zijn opgenomen in de in die artikelleden bedoelde bestanden.
5. De vergelijking, bedoeld in artikel 3, vierde lid, vindt slechts plaats aan de hand van een in het verzoek opgenomen gegeven betreffende naam, adres, postcode, huisnummer, nummertoevoeging of nummer.
6. De doorgeleiding, bedoeld in artikel 3, vierde lid, betreft slechts de gegevens waarop het verzoek zich richt.