BWBR0010986
Geldig vanaf 2000-02-04
Artikel 6
Besluit welzijn productiedieren
1. Onverminderd het bepaalde bij of krachtens de Diergeneesmiddelenwetwordt door de eigenaar of houder van een dier een register bijgehouden van de verstrekte medische zorg en het bij iedere controle geconstateerde aantal sterfgevallen. Dit register wordt ten minste drie jaar bewaard.
2. Onverminderd het bepaalde bij of krachtens de Diergeneesmiddelenwetworden geen stoffen aan een dier toegediend, behalve stoffen voor therapeutische of profylactische doeleinden, dan wel zoötechnische behandeling zoals bedoeld in artikel 1, tweede lid, onderdeel c, van richtlijn 96/22/EGvan de Raad van 29 april 1996 betreffende het verbod op gebruik, in de veehouderij, van bepaalde stoffen met hormonale werking en van bepaalde stoffen met thyreostatische werking alsmede van ß-agonisten en tot intrekking van de richtlijnen 81/602/EEG, 88/146/EEG(PbEG L 125), tenzij uit wetenschappelijke studies naar het welzijn van dieren of uit de ervaring is gebleken dat de stof niet schadelijk is voor de gezondheid of het welzijn van het dier.
2. Onverminderd het bepaalde bij of krachtens de Diergeneesmiddelenwetworden geen stoffen aan een dier toegediend, behalve stoffen voor therapeutische of profylactische doeleinden, dan wel zoötechnische behandeling zoals bedoeld in artikel 1, tweede lid, onderdeel c, van richtlijn 96/22/EGvan de Raad van 29 april 1996 betreffende het verbod op gebruik, in de veehouderij, van bepaalde stoffen met hormonale werking en van bepaalde stoffen met thyreostatische werking alsmede van ß-agonisten en tot intrekking van de richtlijnen 81/602/EEG, 88/146/EEG(PbEG L 125), tenzij uit wetenschappelijke studies naar het welzijn van dieren of uit de ervaring is gebleken dat de stof niet schadelijk is voor de gezondheid of het welzijn van het dier.