BWBR0010802
Geldig vanaf 1999-11-03
Artikel 4
Regeling aanwijzing nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug
1. Het overlegorgaan heeft tot taak, vooruitlopend op de aanwijzing van het natuurgebied De Utrechtse Heuvelrug, bedoeld in artikel 2, als nationaal park, de inrichting, het beheer en functioneren van het nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug overeenkomstig de doelstellingen van een nationaal park te bevorderen.
2. Tot die taak behoort onder meer:
a. het opstellen van een beheers- en inrichtingsplan, dat als basis kan dienen om het natuurgebied De Utrechtse Heuvelrug aan te wijzen als nationaal park;
b. de onderlinge afstemming van alle voor de inrichting en beheer van belang zijnde activiteiten;
c. het doen van voorstellen aan de minister voor de besteding en toekenning van de voor het nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug beschikbare middelen, onder meer in de vorm van een voortschrijdend meerjarenprogramma en een jaarlijks in te dienen bestedingenplan;
d. bevordering en coördinatie van voorlichting en educatie met betrekking tot het nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug.
2. Tot die taak behoort onder meer:
a. het opstellen van een beheers- en inrichtingsplan, dat als basis kan dienen om het natuurgebied De Utrechtse Heuvelrug aan te wijzen als nationaal park;
b. de onderlinge afstemming van alle voor de inrichting en beheer van belang zijnde activiteiten;
c. het doen van voorstellen aan de minister voor de besteding en toekenning van de voor het nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug beschikbare middelen, onder meer in de vorm van een voortschrijdend meerjarenprogramma en een jaarlijks in te dienen bestedingenplan;
d. bevordering en coördinatie van voorlichting en educatie met betrekking tot het nationaal park in oprichting De Utrechtse Heuvelrug.