1. Bij de aangifte, bedoeld in
artikel 28 van de wet, met betrekking tot onderscheidenlijk 1998, 1999 en 2000 wordt door de heffingplichtige melding gemaakt van de overeenkomstig artikel 2, tweede of derde lid, berekende hoeveelheid fosfaat.
2. In afwijking van het eerste lid doet de heffingplichtige, indien de aangifte met betrekking tot 1998 reeds voor inwerkingtreding van deze regeling is gedaan, de melding vóór 1 september 1999.
3. De melding geschiedt op een daartoe door de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij vastgesteld formulier, dat volledig en naar waarheid is ingevuld en ondertekend.