BWBR0010415
Geldig vanaf 1999-04-23
Artikel 2
Tijdelijke wet aanwijzing bèta-opleidingen
1. Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen kan op aanvraag van het instellingsbestuur in de jaren 1999, 2000 en 2001 toestaan dat een opleiding op het gebied van de natuur met een studielast van 210 studiepunten wordt ingesteld. Onze Minister van Economische Zaken kan op aanvraag van het instellingsbestuur van de openbare universiteit te Wageningen in dezelfde jaren toestaan dat de de opleiding biologie en de opleiding moleculaire wetenschappen, elk met een studielast van 210 studiepunten, worden ingesteld.
2. Het instellingsbestuur dient een aanvraag in bij Onze minister, wie het aangaat, ten behoeve van het studiejaar 1999–2000 voor 1 mei 1999, ten behoeve van het studiejaar 2000–2001 voor 1 april 2000 dan wel ten behoeve van het studiejaar 2001–2002 voor 1 april 2001. Het instellingsbestuur toont daarin ten genoegen van Onze minister aan dat:
a. de desbetreffende opleiding in een maatschappelijke behoefte voorziet,
b. de inhoud van de desbetreffende opleiding ten opzichte van een of meer opleidingen op het gebied van de natuur dan wel de opleidingen biologie of moleculaire wetenschappen waarvan de studielast ten minste 168 studiepunten bedraagt, in belangrijke mate is vernieuwd en verbreed,
c. het onderwijsprogramma van de desbetreffende opleiding zodanig is ingericht dat de daarvoor ingeschreven studenten bij een redelijke inspanning de opleiding binnen een redelijke studietijd kunnen voltooien, en
d. de desbetreffende opleiding omvat 1°. een afstudeerrichting gericht op de verkrijging van vaardigheden als wetenschappelijk onderzoeker of technologisch ontwerper,
2°. in een voorkomend geval een afstudeerrichting gericht op het beroep van leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in een of meer met die opleiding verwante vakken in het voortgezet onderwijs, en
3°. een of meer andere afstudeerrichtingen.
1°. een afstudeerrichting gericht op de verkrijging van vaardigheden als wetenschappelijk onderzoeker of technologisch ontwerper,
2°. in een voorkomend geval een afstudeerrichting gericht op het beroep van leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in een of meer met die opleiding verwante vakken in het voortgezet onderwijs, en
3°. een of meer andere afstudeerrichtingen.
3. <a href="/wet/BWBR0005682/artikel/6.3" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Artikel 6.3, tweede lid, van de wet</a>is niet van toepassing.
4. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder opleiding op het gebied van de natuur tevens verstaan:
a. de opleiding biomedische wetenschappen, verbonden aan de openbare universiteit te Leiden,
b. de opleiding medische biologie, verbonden aan de openbare universiteit te Utrecht, en
c. de opleiding biomedische gezondheidswetenschappen, verbonden aan de bijzondere universiteit te Nijmegen.
2. Het instellingsbestuur dient een aanvraag in bij Onze minister, wie het aangaat, ten behoeve van het studiejaar 1999–2000 voor 1 mei 1999, ten behoeve van het studiejaar 2000–2001 voor 1 april 2000 dan wel ten behoeve van het studiejaar 2001–2002 voor 1 april 2001. Het instellingsbestuur toont daarin ten genoegen van Onze minister aan dat:
a. de desbetreffende opleiding in een maatschappelijke behoefte voorziet,
b. de inhoud van de desbetreffende opleiding ten opzichte van een of meer opleidingen op het gebied van de natuur dan wel de opleidingen biologie of moleculaire wetenschappen waarvan de studielast ten minste 168 studiepunten bedraagt, in belangrijke mate is vernieuwd en verbreed,
c. het onderwijsprogramma van de desbetreffende opleiding zodanig is ingericht dat de daarvoor ingeschreven studenten bij een redelijke inspanning de opleiding binnen een redelijke studietijd kunnen voltooien, en
d. de desbetreffende opleiding omvat 1°. een afstudeerrichting gericht op de verkrijging van vaardigheden als wetenschappelijk onderzoeker of technologisch ontwerper,
2°. in een voorkomend geval een afstudeerrichting gericht op het beroep van leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in een of meer met die opleiding verwante vakken in het voortgezet onderwijs, en
3°. een of meer andere afstudeerrichtingen.
1°. een afstudeerrichting gericht op de verkrijging van vaardigheden als wetenschappelijk onderzoeker of technologisch ontwerper,
2°. in een voorkomend geval een afstudeerrichting gericht op het beroep van leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in een of meer met die opleiding verwante vakken in het voortgezet onderwijs, en
3°. een of meer andere afstudeerrichtingen.
3. <a href="/wet/BWBR0005682/artikel/6.3" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Artikel 6.3, tweede lid, van de wet</a>is niet van toepassing.
4. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder opleiding op het gebied van de natuur tevens verstaan:
a. de opleiding biomedische wetenschappen, verbonden aan de openbare universiteit te Leiden,
b. de opleiding medische biologie, verbonden aan de openbare universiteit te Utrecht, en
c. de opleiding biomedische gezondheidswetenschappen, verbonden aan de bijzondere universiteit te Nijmegen.