BWBR0010334
Geldig vanaf 2022-05-03
Artikel 2
Besluit vergoedingen Telecommunicatiewet en Wet telecommunicatievoorzieningen BES
1. De vergoeding dient ter dekking van de kosten van de werkzaamheden of diensten die ingevolge het bepaalde bij of krachtens de wetof de Wtv BESdoor Onze Minister worden verricht.
2. De vergoeding bestaat uit:
a. een bedrag dat verband houdt met de eenmalig gemaakte uitvoeringskosten van het verrichten van werkzaamheden of diensten in het kader van de aan Onze Minister bij of krachtens de wet of de Wtv BES opgedragen taak; of
b. een bedrag dat verband houdt met de kosten, anders dan die genoemd onder a, van het verrichten van werkzaamheden of diensten in het kader van de aan Onze Minister bij of krachtens de wet of de Wtv BES opgedragen taak; of
c. een jaarlijkse bijdrage als bedoeld in artikel 16.1, derde of vierde lid, van de wet.
3. De bedragen, bedoeld in het tweede lid, worden voor de duur van een jaar of voor onbepaalde tijd vastgesteld.
4. Het bedrag en de jaarlijkse bijdrage, bedoeld in het tweede lid, onder b en c, zijn jaarlijks verschuldigd en worden jaarlijks in rekening gebracht.
2. De vergoeding bestaat uit:
a. een bedrag dat verband houdt met de eenmalig gemaakte uitvoeringskosten van het verrichten van werkzaamheden of diensten in het kader van de aan Onze Minister bij of krachtens de wet of de Wtv BES opgedragen taak; of
b. een bedrag dat verband houdt met de kosten, anders dan die genoemd onder a, van het verrichten van werkzaamheden of diensten in het kader van de aan Onze Minister bij of krachtens de wet of de Wtv BES opgedragen taak; of
c. een jaarlijkse bijdrage als bedoeld in artikel 16.1, derde of vierde lid, van de wet.
3. De bedragen, bedoeld in het tweede lid, worden voor de duur van een jaar of voor onbepaalde tijd vastgesteld.
4. Het bedrag en de jaarlijkse bijdrage, bedoeld in het tweede lid, onder b en c, zijn jaarlijks verschuldigd en worden jaarlijks in rekening gebracht.